Wat gebeurt er met een kalf na de geboorte?

Het leven van een kalf na de geboorte is een complex proces dat sterk beïnvloed wordt door de manier waarop het wordt opgevoed en de context van de melkveehouderij. Runderen zijn van nature herkauwers die in kuddes leven en een groot deel van hun dag besteden aan grazen en herkauwen, bij voorkeur tegelijk met hun soortgenoten.

De eerste levensfase van een kalf

De eerste melk die een kalf ontvangt, is biest. Deze eerste moedermelk is cruciaal voor de gezondheid van het pasgeboren dier, omdat het rijk is aan afweerstoffen. Kalveren die direct na hun geboorte van de moeder worden gescheiden, zijn volledig afhankelijk van de melkveehouder voor de biest en de daaropvolgende voedingen. De kwaliteit, hoeveelheid en het tijdstip van biestverstrekking zijn bepalend voor de immuniteit en de overlevingskansen van de kalveren. Handmatig voeren maakt een betere controle op deze factoren mogelijk, wat de passieve immuniteit kan verhogen.

Een pasgeboren kalf weegt ongeveer 40 kg en heeft een nog beperkte weerstand. De ontwikkeling van de magen begint bij de geboorte met de lebmaag; de andere drie magen ontwikkelen zich later. Na ongeveer twee weken begint het kalf met het eten van krachtvoer en ruwvoer, wat de pensontwikkeling stimuleert en de overgang naar vast voedsel bevordert.

Illustratie van de melkgift van een koe aan een kalf, met nadruk op de overdracht van antistoffen in biest.

Scheiding van moeder en kalf: een controversieel onderwerp

In de melkveehouderij is het scheiden van moeder en kalf kort na de geboorte een veelvoorkomende praktijk. Dit gebeurt om verschillende redenen, waaronder de angst voor overdracht van ziektekiemen en de noodzaak om melk te melken voor economische doeleinden. De Dierenbescherming beschouwt deze abrupte scheiding als een ernstige inbreuk op het welzijn van het dier, en stelt dat kalveren minstens drie maanden bij de moeder zouden moeten blijven.

Voorstanders van vroege scheiding wijzen op wetenschappelijke argumenten, zoals het verminderen van de kans op pathogenenoverdracht, efficiënter melken en economische voordelen. Zij stellen dat de band tussen moeder en kalf bij vroege scheiding niet wordt gevormd, waardoor dieren minder stress ervaren bij de scheiding. Echter, onderzoek suggereert dat contact tussen koe en kalf het optreden van diarree bij kalveren kan verlagen. Ook de besmetting met Cryptosporidium parvum kon niet eenduidig gelinkt worden aan verlengd kalf-koe contact; zogen leek zelfs een positief effect te hebben. Wetenschappelijk onderzoek naar een verband tussen koe-kalf contact en de voorkoming van paratuberculose (MAP) kon geen bewijs vinden; besmetting met MAP gebeurt voornamelijk via fecaal-oraal contact in een besmette omgeving.

Het moment van scheiden is minder bepalend dan de bron, kwaliteit, hoeveelheid en het tijdstip van biestverstrekking voor de immuniteit van kalveren. Bij melkveerassen slagen veel kalveren die bij de moeder blijven er niet in om binnen zes uur na geboorte zelfstandig te zuigen en biest op te nemen. Handmatig voeren kan leiden tot snelle bacteriegroei in biest bij kamertemperatuur, wat het belang van hygiëne bij het verzamelen, bewaren en vervoederen van biest onderstreept.

Langdurig contact tussen koe en kalf kan leiden tot een hechtere band, maar ook tot sterkere stressreacties bij scheiding. Een langer koe-kalf contact kan echter bijdragen aan beter sociaal gedrag bij kalveren en een betere omgang met nieuwe situaties. Opfok van kalveren in groepen heeft een vergelijkbaar positief effect op sociaal gedrag.

Schema dat de verschillende fases van de geboorte van een kalf toont, inclusief de rol van de moeder en de omgeving.

Gezondheidsproblemen bij kalveren en koeien

Ondanks de inspanningen in de melkveehouderij, kampen zowel koeien als kalveren met diverse gezondheidsproblemen. Bij melkkoeien zijn klauw- en pootproblemen de grootste gezondheidsproblemen, waarbij zo'n 80% van de koeien hiermee te maken krijgt, variërend van lichte ontstekingen tot ernstige kreupelheid.

Mastitis, een bacteriële infectie van de uier, treft gemiddeld 28% van de koeien en is zeer pijnlijk. Productiegerelateerde ziekten kunnen optreden wanneer koeien de druk van melkproductie en dracht niet aankunnen. Hoewel deze aandoeningen behandeld kunnen worden, ligt de focus op preventie.

Kalfsterfte is een significant probleem: ongeveer 1 op de 20 kalveren sterft kort na de geboorte, en ruim 7% van de levend geboren kalveren overlijdt voor de leeftijd van drie maanden. Diarree is een belangrijke oorzaak van sterfte bij kalveren. Daarnaast komen onder kalveren van 8 tot 20 weken oud veel luchtweginfecties voor.

Ingrepen en welzijn van het kalf

De meeste runderrassen worden geboren met hoornstompjes die tot hoorns kunnen uitgroeien. In de wei leidt dit zelden tot problemen, maar in de stal kan het leiden tot verwondingen. Daarom worden de meeste kalveren onthoornd. De Dierenbescherming pleit ervoor om runderen niet te onthoornden en hen meer ruimte in de stal te bieden, naast weidegang.

Koudmerken (vriesbranden) is een pijnlijke ingreep die sinds 1 juli 2018 verboden is, met uitzondering van bedrijven die het al toepasten. Dit gebeurt door de huid op een bil van het rund te bevriezen, waardoor een wit cijfer op een donkere ondergrond ontstaat.

NatuurFreekFinn van Kalf tot Koe

De geboorte van een kalf

Na een dracht van ongeveer negen maanden is het kalf volledig ontwikkeld en begint het afkalfproces. Tekenen dat een koe gaat afkalven zijn onder meer een vollere uier, slapper wordende banden naast de staart, afzondering, frequent gaan liggen en opstaan, slijm uit de vulva en een staart die afstaat. Melk uitliggen kan ook een indicatie zijn.

Tijdens de geboorte neemt het kalf, indien het levend is, een actieve rol aan bij het aannemen van de juiste geboortehouding. Meestal ligt het kalf in zijligging met de rug naar de rechterzijde van de koe. Voor een optimale ontsluiting en uitdrijving is het belangrijk dat het kalf in borst-buikligging komt te liggen. De koe zal hierbij regelmatig gaan staan en liggen, wat het kalf helpt de juiste positie te vinden. Voldoende ruimte en een stroeve, zachte bodem zijn essentieel voor dit proces.

De waterblaas komt in 90% van de gevallen als eerste naar buiten en zorgt voor de verdere oprekking van de baarmoedermond. Wanneer de waterblaas in het bekken komt, treedt een zwakke buikpers op. Na het breken van de waterblaas, treedt er even geen buikpers meer op. In de uitdrijvingsfase passeren de voorpoten en de kop van het kalf de bekkeningang. De duur van de uitdrijving varieert, met langere tijden bij vaarzen vanwege de relatieve grootte van het kalf en de langzamere oprekking van de geboorteweg.

Onjuiste ligging van het kalf, zoals een stuitligging of een teruggeslagen kop, kan de geboorte bemoeilijken. In dergelijke gevallen kan menselijk ingrijpen noodzakelijk zijn, met aandacht voor hygiëne en de gezondheid van de koe.

Nageboorte en nazorg

Na de geboorte van het kalf komt de nageboorte los. Dit proces duurt gemiddeld 4-6 uur. Wanneer de nageboorte langer dan 12 uur aanwezig blijft, spreekt men van "aan de nageboorte staan", wat kan leiden tot baarmoederontsteking. Regelmatige controle en temperatuurmeting zijn dan belangrijk.

Melkziekte, vooral na een zware geboorte, kan aanvullende behandeling vereisen, zoals het toedienen van een nageboortepil die de baarmoeder ondersteunt. De baarmoeder, als spier, heeft calcium nodig, wat een snelle behandeling bij melkziekte noodzakelijk maakt.

Na het kalven ontstaat een grote, lege ruimte in de buik van de koe. Indien de pens onvoldoende gevuld is, kan dit leiden tot een lebmaagverplaatsing. Het aanbieden van voldoende lauwwarm water en smakelijk ruwvoer of hooi direct na het kalven is daarom van belang.

Infographic die de belangrijkste gezondheidsproblemen bij melkkoeien en kalveren weergeeft.

De markt voor kalveren en de rol van de mens

Niet iedereen realiseert zich dat melkproductie afhankelijk is van het feit dat iedere koe jaarlijks een kalf ter wereld brengt. De melk is echter primair bedoeld voor menselijke consumptie, niet voor het kalf. Dit verklaart waarom kalveren vaak direct na de geboorte bij de moeder worden weggehaald.

Ongeveer 70% van de geboren kalveren, waaronder alle stiertjes en zo'n 40% van de vrouwelijke kalveren, is niet direct nuttig voor de melkproductie. Voor deze dieren is een markt ontstaan: de kalvervleesindustrie. Witvleeskalveren worden vaak al op zes maanden leeftijd geslacht, terwijl rosékalveren rond de acht tot negen maanden oud zijn. Om het vlees blank of rosé te houden, krijgen deze kalveren een onnatuurlijk dieet, waarbij gras eten verboden is.

Kalveren die worden grootgebracht voor vlees, brengen de eerste twee weken vaak in volledige afzondering door in een eenlingbox of kalveriglo. Daarna worden ze getransporteerd naar kalvermesterijen. Vanwege hun nog zwakke afweer zijn ze kwetsbaar voor ziekten die door contact met soortgenoten van andere bedrijven kunnen worden overgedragen. Vanaf acht weken leeftijd is het verplicht ze in groepen te houden, maar spelen of weidegang is er voor deze sociale kuddedieren niet bij.

Diagram dat de levensloop van een stierkalf en een vaarskalf in de melkveehouderij en vleeskalverhouderij weergeeft.

Toekomstperspectieven en welzijn

Er is een voortdurende discussie over de optimale duur van het koe-kalf contact en de methoden van kalveropfok. Concepten zoals de 'familiekudde', waarbij koeien, vaarzen en kalveren op een natuurlijke manier samenleven, bieden een alternatief dat tegemoetkomt aan de natuurlijke behoeften van runderen. Echter, om rendabel te blijven, wordt ook in een familiekudde het zogen bij de moeder beperkt.

Hoewel de wetenschappelijke inzichten over de voordelen van langduriger koe-kalf contact toenemen, blijft de economische realiteit van de melkveehouderij een belangrijke factor. De discussie over dierenwelzijn en de ethische aspecten van de scheiding van moeder en kalf zal naar verwachting voortduren, met een groeiende focus op het verbeteren van de leefomstandigheden van zowel koeien als kalveren.

tags: #wat #gebeurt #er #met #een #kalfje