Verbetering van de Vruchtbaarheid bij Melkkoeien

Het Belang van Vruchtbaarheid in de Melkveehouderij

Productieve koeien met een goede vruchtbaarheid zijn van essentieel belang voor zowel de technische als de economische resultaten van een melkveebedrijf. Vruchtbare koeien laten hun tocht op tijd zien en worden snel en gemakkelijk drachtig, wat cruciaal is voor de continuïteit van de veestapel en het bedrijfsinkomen. Drachtige koeien zorgen na afkalven voor inkomsten door hun melkproductie en voor nieuwe aanwas in de veestapel. Slechte vruchtbaarheid is een van de belangrijkste redenen voor afvoer van koeien. Een verbeterde vruchtbaarheid leidt direct tot een kortere tussenkalftijd, een langere levensduur van de koe, minder benodigde inseminaties en een reductie in veterinaire behandelingen.

Uitdagingen bij Hoogproductieve Koeien

Hoogproductieve koeien ondervinden tijdens de opstartperiode na het afkalven vaak meer problemen om drachtig te worden dan koeien die langzamer opstarten. Deze koeien hebben vetten nodig voor zowel melkvetproductie als voor hun eigen lichaamsvet. Deze vetten worden verkregen uit het rantsoen, zowel uit reeds aanwezige ruw vet als uit de vertering van vezels. Het lichaam bepaalt vervolgens de bestemming van deze vetten: melkvet of lichaamsvet. Bij hoogproductieve koeien gaat er automatisch meer vet naar de melk, wat ten koste kan gaan van het lichaamsvet.

Het laatste deel van de dracht vraagt extra energie voor de groei van het kalf, gevolgd door de energie-intensieve opstart van de biest- en melkproductie. Aangezien de melkproductie na het afkalven sneller toeneemt dan de drogestofopname, vertonen hoogproductieve koeien in de eerste twee maanden na afkalven vaak een negatieve energiebalans. Dit resulteert in een verlies van de lichaamsconditie.

Grafische weergave van de negatieve energiebalans bij hoogproductieve koeien na het afkalven.

Hoewel een negatieve energiebalans aan het begin van de lactatie bij hoogproductieve koeien als ‘normaal’ wordt beschouwd, blijkt uit diverse onderzoeken dat de ernst en duur van deze balans bepalend zijn voor de vruchtbaarheid. Vooral de eerste eisprong na afkalven is afhankelijk van de beschikbare energie. De koe wordt doorgaans pas tochtig als de negatieve energiebalans afneemt en het evenwicht zich herstelt. Bovendien zijn de eicellen die vrijkomen tijdens de eerste 60 tot 90 dagen van de lactatie, wanneer er sprake is van een negatieve energiebalans, vaak van mindere kwaliteit.

De Rol van Voeding en Energiebalans

Om te voorkomen dat koeien te veel terugvallen aan het begin van de lactatie, is het cruciaal dat ze met de juiste conditiescore aan hun lactatie beginnen en voldoende energie binnenkrijgen. De optimale conditiescore voor afkalven is 3; een lagere score betekent onvoldoende energie voor optimale melkproductie.

Meer voeren heeft vaak beperkt effect, omdat de dieren simpelweg niet meer willen vreten. De oplossing ligt in het verhogen van de energiedichtheid per kilogram drogestof. Producten zoals pensbestendige vetzuren, bijvoorbeeld van het merk Megalac, met een hoge VEM (VEM van 3.750 per kg drogestof), leveren per hap veel energie.

Naast het energiegehalte speelt ook de verhouding tussen de verschillende vetzuren een belangrijke rol. Het vetzuur C18:1 (oliezuur) stimuleert de aanmaak van lichaamsvet en draagt zo bij aan een betere vruchtbaarheid. Dit vetzuur verbetert de kwaliteit van de eicellen door de follikelwand steviger te maken en het gele lichaam van betere kwaliteit te maken.

Onderzoek toont aan dat koeien rondom hun eisprong meer melkvet produceren, met name oliezuur (C18:1). Door C18:1 toe te voegen aan het rantsoen aan het begin van de lactatie, ondersteunt men de koe direct. De juiste combinatie van vetzuren in het rantsoen en gericht voeren per lactatiestadium is hierbij essentieel. Producten zoals die van Megalac bieden hierin diverse opties, afgestemd op specifieke lactatiestadia.

Belang van Mineralen en Antioxidanten

Een goede mineralenvoorziening vergroot de weerstand van de koe en verkleint het risico op problemen zoals het aan de nageboorte blijven staan en baarmoederontsteking na afkalven. Dit vermindert de kans op verminderde vruchtbaarheid en de daaruit voortvloeiende verhoogde afvoer. Een Mineralencheck kan inzicht geven in de daadwerkelijke voorziening van essentiële elementen zoals jodium, koper, zink en selenium via het rantsoen, wat helpt om de kans op tijdige dracht te vergroten en ongewenste afvoer te voorkomen.

Innovatieve voedergamma's, zoals Ferti van Proxani, maken gebruik van wetenschappelijk geteste formules met unieke antioxidanten, waaronder "Scutellaria" extract, om de vruchtbaarheid en melkproductie te optimaliseren. Deze producten zijn ontworpen om zowel de vruchtbaarheid als de melkproductie te verbeteren, met specifieke voeding voor de voorbereiding op het afkalven (Ferti Dry 4 Vlog) en voor het begin van de lactatie (Ferti Starter 4 Vlog).

Humuszuur, zoals PrimeHumic, draagt bij aan de darmgezondheid, bindt schadelijke mycotoxines en ondersteunt zo de vruchtbaarheid. Praktijkonderzoek toont aan dat dit leidt tot zowel hogere melkproductie als een positief effect op de vruchtbaarheid, met minder benodigde inseminaties per dracht.

Antioxidanten zoals Vitamine C, selenium, Vitamine E en carotenoïden spelen een belangrijke rol in het verbeteren van de weerstand en het herstellen van door metabole stress beschadigde eicellen. De droogstandsperiode is hiervoor de meest geschikte periode om de antioxidantstatus van een dier te optimaliseren, wat resulteert in een betere bescherming van de eicellen tegen metabole stress.

Dr. Tom Geary: Inspanningen om de vruchtbaarheid bij runderen te verbeteren

De Transitieperiode Cruciaal voor Vruchtbaarheid

De meest cruciale periode in de lactatiecyclus van een melkkoe is de transitieperiode, die loopt van drie weken voor tot drie weken na het kalven. Gedurende deze periode neemt de energiebehoefte van de koe sterk toe door de groei van het kalf en de aanmaak van biest. Na het afkalven zorgt de opstart van de lactatie voor een explosieve stijging van de energiebehoefte, die niet volledig kan worden ingevuld door een toenemende voeropname. Dit leidt tot een negatieve energiebalans (NEB).

Dit energietekort resulteert in de mobilisatie van vrije vetzuren (NEFA’s), die in de lever normaal gesproken tot energie worden omgezet. Bij extreme omstandigheden kunnen ze echter worden omgezet tot ketolichamen, wat kan leiden tot metabole problemen. Hoge concentraties NEFA’s in het bloed kunnen ook leiden tot immuundepressie, waardoor de kans op infecties, baarmoederontsteking of mastitis toeneemt. Bovendien hebben hoge NEFA-concentraties invloed op de follikels en eileiders, wat de vruchtbaarheid negatief beïnvloedt.

Het op peil houden van de drogestofopname tijdens de transitieperiode door vers en smakelijk voer te verstrekken, is van cruciaal belang voor het minimaliseren van de NEB en het verkrijgen van optimale gezondheid en vruchtbaarheid in de volgende lactatie. Het is echter belangrijk dat het rantsoen in evenwicht is om te voorkomen dat koeien vervetten aan het einde van de dracht.

Invloed van de Droogstandsperiode

De energiebalans vlak na het afkalven wordt grotendeels bepaald door het management in het laatste trimester van de vorige lactatie. Koeien moeten aan het einde van de lactatie gestuurd worden naar een ideale bodyconditiescore (BCS) van 3.5, die tijdens de droogstand behouden moet blijven. De BCS tijdens de droogstand is immers bepalend voor de eetlust, energieopname en de duur en diepte van de NEB.

Hoewel een droogstand van 6 tot 8 weken geadviseerd wordt om de melkproductie te maximaliseren, kan een kortere of zelfs geen droogstand de energiebalans tijdens de volgende lactatie verbeteren. Koeien zonder droogstand hebben een minder lange en minder diepe NEB door een hogere drogestofopname en een snellere eerste eisprong na afkalven. Dit resulteert in betere weerstand, vruchtbaarheid en minder metabole aandoeningen. Echter, koeien zonder droogstand geven doorgaans 10 tot 15 kg melk per dag minder tijdens hun lactatiepiek.

Metabole Stress en de Impact op Eicellen en Embryo's

Een aanhoudende, diepe negatieve energiebalans veroorzaakt verhoogde NEFA-concentraties in het bloed, wat leidt tot een verhoogde NEFA-concentratie in het follikelvocht en de eileiders. Dit belemmert de ontwikkeling en groei van follikels, bevordert de ontwikkeling van cysten en kan leiden tot een verstoorde werking van het corpus luteum. Hoge NEFA-concentraties in de eileiders beïnvloeden de eicel en het embryo negatief, met teleurstellende bevruchtingspercentages en vroegembryonale sterfte als gevolg.

Onderzoek toont aan dat de metabole staat van de koe langetermijneffecten heeft op de ontwikkeling van het embryo. Eicellen die worden blootgesteld aan hoge NEFA-concentraties vertonen een lagere activiteit, produceren minder interferon tau (essentieel voor het onderhouden van de zwangerschap) en hebben een achterstand in groei, een verstoord metabolisme en een verminderde capaciteit om de zwangerschap te signaleren.

Het supplementeren van polyonverzadigde vetzuren (n-3), zoals alfa-linoleenzuur (ALA) uit gras of lijnzaad, kan de vruchtbaarheid verbeteren door grotere follikels, hogere drachtpercentages en minder vroegembryonale sterfte te realiseren. Vanwege de kosten is deze aanpak echter niet altijd economisch rendabel voor de gehele veestapel, maar kan het wel interessant zijn voor genetisch zeer waardevolle dieren.

Conclusie: Vruchtbaarheid en Productie Verzoenen

Het is wel degelijk mogelijk om hoge producties en een goede vruchtbaarheid met elkaar te verzoenen. De droogstandsperiode speelt hierin een cruciale rol. Het beperken van metabole stress door optimaal management, met name tijdens de droogstand, en het verstrekken van een volledig uitgebalanceerd, energierijk rantsoen zijn sleutelfactoren. Gericht voeren van de juiste vetzuren en mineralen, in combinatie met een goede antioxidantstatus, kan de vruchtbaarheid van koeien aanzienlijk verbeteren en hun productieve leven verlengen.

tags: #vruchtbaarheid #koe #verbeteren #gelderland