Speengebruik bij baby's en jonge kinderen: voordelen, nadelen en afbouw

Baby's hebben van nature een grote zuigbehoefte. Een fopspeen kan helpen om deze behoefte te vervullen tijdens het eerste levensjaar, maar na die leeftijd wordt het beter om het gebruik sterk te beperken, of zelfs helemaal te stoppen. De meeste organisaties die zich bezighouden met jonge kinderen raden aan om te stoppen met de fopspeen zodra het kind 1 jaar wordt. Het advies luidt: na 6 maanden het gebruik van de fopspeen beperken tot het slapengaan, en na 12 maanden volledig stoppen om gevolgen voor de aangezichtsontwikkeling en de spraak te voorkomen. Na deze leeftijd geldt: hoe vaker en hoe langer een kind de fopspeen gebruikt, hoe groter de gevolgen kunnen zijn. Je hoeft je geen zorgen te maken als je kind na 12 maanden nog een fopspeen gebruikt, maar het is wel belangrijk dat het volledig afgeleerd is vóór de leeftijd van 3 jaar.

Voordelen van fopspeengebruik tot 12 maanden

Tot de leeftijd van 12 maanden heeft een fopspeen enkele voordelen:

  • Troost: baby's hebben een sterke natuurlijke zuigbehoefte. Deze hangt niet alleen samen met voeding, maar geeft ook comfort en rust. Tussen 9 en 12 maanden neemt deze behoefte af.
  • Inslapen: zuigen kan sommige baby's helpen om makkelijker in slaap te vallen.
  • Wiegendood: het gebruik van een fopspeen zou het risico op wiegendood kunnen verminderen doordat er meer ruimte in de mond ontstaat en de luchtstroom beter verloopt in bepaalde risicovolle slaaphoudingen.
Illustratie van een baby die rustig slaapt met een fopspeen

Nadelen en risico's van langdurig fopspeengebruik

Na 12 maanden wordt aangeraden te stoppen met de fopspeen om gevolgen voor de kaakgroei en de taalontwikkeling te vermijden.

Effect op kaak en gebit

Langdurig zuigen kan de ontwikkeling van de kaak, de vorming van het gehemelte en de stand van de tanden verstoren, waardoor de harmonieuze ontwikkeling van het gezicht wordt beïnvloed. Al deze voorwerpen, of het nu om een fopspeen, een duim, vingers of zelfs een tuitbeker gaat, houden de tong laag en creëren een opening tussen de voortanden. Dit kan een infantiel slikpatroon in stand houden: de tong beweegt dan naar voren tegen of tussen de tanden, in plaats van omhoog naar het gehemelte tijdens het slikken. Deze druk duwt de tanden naar voren en verandert hun uitlijning.

Een verkeerde tongpositie - in rust, tijdens het slikken of praten - kan leiden tot een smal en hoog gehemelte, nauwere kaken en een meer verticale groei van het gezicht. De neusholtes kunnen zich minder goed ontwikkelen, waardoor ademhalingsproblemen (verkoudheden, oorontstekingen) kunnen ontstaan. Deze kaakveranderingen kunnen zorgen voor een verkeerde beet (malocclusie), wat snurken of zelfs slaapapneu kan bevorderen. Het beperken van de fopspeen en het vermijden van duimzuigen vanaf jonge leeftijd helpt dit vicieuze cirkel te voorkomen.

Diagram dat de impact van fopspeengebruik op de kaak en tanden illustreert

Effect op taalontwikkeling

Een fopspeen kan een obstakel vormen voor de taalontwikkeling. Kinderen die vaak een fopspeen in de mond hebben, bootsen minder geluiden na, terwijl dit essentieel is in de vroege taalontwikkeling. Een fopspeen in de mond vermindert bovendien de verstaanbaarheid van de spraak.

Risico's van open mondgedrag

Open mondgedrag, waarbij het kind de mond vaak openhoudt, kan leiden tot nadelige gevolgen. Er wordt dan niet door de neus geademd, wat betekent dat de lucht niet gefilterd wordt en bacteriën en virussen direct de longen bereiken. Dit kan resulteren in vaker verkoudheid en terugkerende keel- en oorontstekingen. Mondademhaling kan ook de spraak beïnvloeden, doordat de lippen en tong te weinig bewogen worden om klanken duidelijk uit te spreken. Bovendien kan een snellere ademhaling leiden tot vermoeidheid. Open mondgedrag kan de vorming van de bovenkaak beïnvloeden, waardoor deze smal wordt en naar voren kan gaan staan, met scheefstand van tanden tot gevolg.

Animatiefilm: Hoe werken de hersenen

Het afleren van de fopspeen: tips en adviezen

Om het afbouwen van de fopspeen makkelijker te maken, is het belangrijk vroeg goede gewoontes aan te leren:

  • Kies voor een zo plat mogelijk model om schade aan de tanden te beperken.
  • Beperk vanaf 6 maanden het gebruik tot het slapengaan; de fopspeen zou de slaapkamer niet mogen verlaten.
  • Gebruik de fopspeen niet als troostmiddel overdag.

Strategieën om te stoppen

Het afleren van de fopspeen vergt doorzettingsvermogen. Hier zijn enkele succesvolle tips:

  1. Positieve benadering: Benader het stoppen altijd positief. Stimuleer je kind door te laten blijken dat je trots op hem/haar bent. Geef complimenten voor periodes zonder speen, bijvoorbeeld: "Wat goed van jou, je hebt televisie gekeken zonder je speen in je mond te stoppen. Dat vind ik zo knap van je!"
  2. Uitleg geven: Vertel je kind over de mogelijke gevolgen voor de kaak, de tanden, het gezicht, onverstaanbaar praten en infecties. Dit kan een goede motivatie zijn om te stoppen.
  3. Samen de speen wegleggen: Laat je kind verzinnen wat er met de speen moet gebeuren.
  4. Zoek een zachte knuffel: Veel kinderen vinden troost bij hun speen. Een zachte knuffel of doekje kan helpen, maar let erop dat het kind deze niet in de mond stopt.
  5. Overdag beginnen: Leer eerst de speen overdag af als je kind thuis is, omdat er dan meer afleiding is.
  6. Belonen: Beloon je kind bij elk stapje dat hij/zij vooruit maakt, bijvoorbeeld met stickers op een kalender of een klein cadeautje bij het behalen van mijlpalen.
  7. 's Nachts afleren: Wanneer de behoefte aan de speen overdag minimaal is geworden, kun je de speen 's nachts gaan afleren. Als het te moeilijk is, haal de speen dan uit de mond tijdens het slapen en sluit de mond zachtjes om neusademhaling te stimuleren.

Praktische adviezen van logopedisten

Logopedisten zien dagelijks de gevolgen van spenen, duimen en nagelbijten. Hier zijn aanvullende praktische adviezen:

  • Verzin geen excuus voor je kind om toch te mogen spenen.
  • Ouders/verzorgers moeten er consequent achter staan en het kind positief begeleiden. Word niet boos en straf niet.
  • De speen uit de mond trekken werkt niet en wekt boosheid op.
  • Houd voet bij stuk tijdens driftbuien; probeer af te leiden.
  • Laat kinderen zelf een manier verzinnen om te stoppen en neem de tijd.
  • Stress en straffen werken niet; kleine stapjes met enthousiaste reacties werken beter.
  • Benadruk dat grote mensen geen speen gebruiken.
  • Vraag hulp van iemand waar je kind tegenop ziet, zoals een logopedist, tandarts of Sinterklaas.
  • Wees consequent: keur het speengebruik niet de ene keer af en de andere keer goed.
  • Voor oudere kinderen kan een videodagboek helpen om de voortgang bij te houden.
  • Zoek een 'buddy' (opa, oma, tante, oom) die het kind kan ondersteunen.

Uitleg die kan helpen om je kind te laten stoppen met spenen:

  • "Je bent al groot." Kinderen hebben de zuigreflex nodig om te drinken, maar na het overgaan op vast voedsel blijft de zuigbehoefte vaak bestaan. Als kinderen groot zijn, is het niet meer nodig om te zuigen. Het is raar als je met een speen in je mond rondloopt als je groot bent.
  • "Je tanden en kiezen gaan scheef staan." Leg uit dat de druk van de speen de kaak smaller en spitser maakt, waardoor tanden en kiezen minder ruimte krijgen en scheef kunnen gaan staan, wat een beugel nodig maakt.
  • "Er zitten vieze beestjes op je speen." Maak de bacteriën op de speen zichtbaar door modder te gebruiken en leg uit dat deze bacteriën de speen vies maken en bij inname tot problemen kunnen leiden.
Een kind dat een speen weggooit en een cadeautje aanneemt

Materiaal van fopspenen

De meeste speentjes zijn gemaakt van siliconen of natuurrubber (latex). Beide materialen zijn goed en veilig, maar hebben verschillende eigenschappen:

  • Siliconen: Transparant, stevig, minder druk op kaak en gehemelte, slijt minder snel, behoudt vorm, geur- en smaakloos, hittebestendig (steriliseerbaar met kokend water of stoom), allergievrij.
  • Natuurrubber (latex): Bruin/geel van kleur, natuurlijk, flexibel, super zacht, elastisch, veerkrachtig, kan sneller slijten en van vorm veranderen (vervangen elke 4-6 weken), heeft een rubberachtige smaak en geur, niet goed bestand tegen hitte (reinigen door verhitting met kokend water), kan allergieën veroorzaken.

Natuurrubber oefent door zijn zachtheid en flexibiliteit minder druk uit op het gehemelte en de stand van de kaak en tandjes. Siliconen is hygiënisch, slijt niet snel en behoudt zijn vorm. Het merk BIBS biedt spenen in zowel natuurrubber als siliconen.

Alternatieven en therapieën

Kauwsieraden

Kauwsieraden lijken op het eerste gezicht een goede vervanging voor de speen, omdat ze rust kunnen bieden. Echter, het gebruik ervan wordt afgeraden omdat het de tong nog steeds naar beneden drukt, wat de verkeerde mondgewoonten in stand houdt.

Oro Myofunctionele Therapie (OMFT)

OMFT is een specialisatie van logopedie die gericht is op het herstellen van het evenwicht van de mondspieren. Dit is met name effectief bij kinderen tussen de zes en acht jaar. De therapie helpt bij het stoppen met duimen, spenen, nagelbijten en vingerzuigen, en kan de vorm van de kaak verbeteren, waardoor de kans op een scheef gebit kleiner wordt of het beugeltraject verkort wordt.

Huismiddeltjes en tips voor spruw

De tekst bevat ook diverse tips voor de behandeling van spruw (mondschimmel), die niet direct gerelateerd zijn aan het fopspeengebruik, maar wel nuttig kunnen zijn voor ouders:

  • Pure bessensap op de mond van de baby aanstippen.
  • Spoelen met kokosolie.
  • Tepels schoon deppen met water en azijn, en de baby mond reinigen met verdund ratanhia mondwater van Weleda.
  • Pau d'arco thee drinken en gebruiken om de mond van de baby te reinigen.
  • Cranberrysap in het mondje smeren.
  • Na elke fles water geven om melkresten te verwijderen.
  • Gentiaan violet gebruiken.
  • Pure blauwebessensap of grapefruit pit extract gebruiken.
  • Kokosolie op borsten smeren.

Opmerking: De tips voor spruw zijn huismiddeltjes en geen vervanging voor medisch advies.

tags: #speen #natuurlijke #behandeling