Wanneer de bevalling begint, is het belangrijk om te weten wanneer je de verloskundige moet bellen. Dit kan zijn omdat de weeën zijn begonnen volgens de instructies, of simpelweg omdat je wenst dat de verloskundige aanwezig is. De verloskundige zal de weeën observeren, luisteren naar het hartje van je kindje en voelen hoe het kindje ligt. Indien de weeën krachtig zijn, kan op jouw verzoek een inwendig onderzoek worden uitgevoerd om de mate van ontsluiting te bepalen. Vervolgens worden jullie wensen besproken: wil je misschien even in bad of onder de douche? Als de bevalling echt begonnen is en je het prettig vindt dat de verloskundige blijft, zal zij aanwezig zijn. Bij een thuisbevalling wordt bij 5-6 centimeter ontsluiting de kraamverzorgster gebeld voor ondersteuning. Bij een poliklinische bevalling, waarbij je in het ziekenhuis bevalt, wordt bij 5-6 centimeter ontsluiting richting het ziekenhuis gegaan.

De Fasen van de Bevalling
De bevalling kent drie hoofdfases: de latente fase, de actieve fase en de persfase. De latente fase, ook wel de voorbereidende fase genoemd, begint met voorweeën. Deze weeën zijn vaak nog onregelmatig, kort en niet erg pijnlijk. Ze kunnen voelen als menstruatieachtige krampen. Soms merk je in deze fase nog weinig, vooral als je al eerder bent bevallen. De voorweeën kunnen echter al bijdragen aan het verzachten en dunner worden van de baarmoedermond. Het kan in de latente fase lastig zijn om vast te stellen of de bevalling echt is begonnen. De lengte van deze fase varieert sterk per vrouw, van één uur tot wel 24 uur. In deze fase kun je nog gewoon je dagelijkse activiteiten voortzetten en hoef je je nog niet volledig op de pijn te concentreren.
De volgende fase is de actieve fase, ook wel de ontsluitingsfase genoemd. Hierin gaan de weeën over in regelmatige, krachtigere samentrekkingen. De weeën komen om de 2 tot 4 minuten en duren ongeveer 1 tot 1,5 minuut. Een wee kan worden vergeleken met een golf: je voelt hem aankomen, de pijn wordt heviger, bereikt een piek en neemt daarna weer af. Tussen de weeën door is er rust. Deze weeën zorgen ervoor dat de baarmoedermond opengaat. De snelheid van dit proces verschilt per vrouw. De pijn kan gevoeld worden in de buik, rug of benen. Verschillende houdingen en ontspanningsoefeningen kunnen helpen om de ontsluitingsduur te verkorten en de pijn te verminderen. Gemiddeld verloopt de ontsluiting bij een eerste bevalling ongeveer 1 centimeter per uur. Als je denkt dat je in de actieve fase bent, is het tijd om de verloskundige te bellen. Zij zal langskomen om jou en je kindje te controleren, inclusief luisteren naar het hartje en het meten van de ontsluiting via een inwendig onderzoek. Tijdens deze controle worden ook jouw wensen voor de begeleiding besproken. Continue begeleiding tijdens de bevalling kan positief bijdragen aan de terugblik op de bevalling.
De laatste fase is de volledige ontsluiting, ook wel de persfase genoemd. Wanneer de baarmoedermond 10 centimeter wijd is, is de weg voor de baby vrij. De weeën veranderen nu in persweeën. Je voelt een sterke drang om te persen, die je niet kunt tegenhouden. Goede persweeën doen al veel van het werk. Je kunt actief meepersen, waarbij je lichaam je vanzelf leidt. Bij een eerste kindje kan het persen 1 tot 2 uur duren, bij een volgende kindje kan dit korter zijn, variërend van 5 minuten tot een uur. Een verticale houding tijdens het persen, zoals op de baarkruk, hurkend of op handen en knieën, kan de persfase verkorten. Wanneer het hoofdje van de baby bijna geboren is, voel je een rekend gevoel bij de vagina en anus. Een warme douche of een warme washand tegen het bekken kan helpen om uitscheuren te voorkomen. Het rustig geboren laten worden van het hoofdje geeft de weefsels de tijd om op te rekken en de baby om zich aan te passen aan het leven buiten de baarmoeder. Na de geboorte van het hoofdje volgen meestal de schouders en de rest van het lijfje vanzelf.

Het Belang van Ontsluiting en Besluitvorming
Het meten van de ontsluiting, ook wel vaginaal toucher genoemd, is niet verplicht. Het kan echter nuttig zijn om een indicatie te hebben van hoe ver je bent in het bevallingsproces. Dit kan helpen bij het inschatten van de resterende tijd of bij de keuze voor pijnstilling. Het is echter belangrijk te beseffen dat het verloop van de ontsluiting sterk kan variëren; de standaard van '1 cm per uur' gaat lang niet voor alle vrouwen op. Je kunt kiezen voor een controle van de ontsluiting als dit jou een veilig gevoel geeft, je nieuwsgierig bent, of als het je een extra zetje kan geven. Het voelen naar de stand van het hoofdje van de baby kan ook deel uitmaken van dit onderzoek.
Soms willen verloskundigen of artsen de ontsluiting controleren om een tijdindicatie te hebben of om een protocol te volgen. Als je bezwaar hebt tegen het onderzoek, mag je dit weigeren. Je kunt ook aangeven dat je het onderzoek niet prettig vindt omdat het je uit je 'flow' haalt of ongewenste associaties oproept. Verloskundigen en artsen kunnen ook op andere manieren inschatten in welke fase van de bevalling je bent, bijvoorbeeld door je gedrag, de heftigheid van de weeën, of het observeren van de 'paarse lijn' (purple line) die zichtbaar wordt bij het naderen van 10 cm ontsluiting, of de ruit van Michaelis. Andere opties zijn om afspraken te maken over de frequentie van de controles, bijvoorbeeld alleen op verzoek, met meer tijd ertussen, of in een specifieke houding zoals zijligging, in bad, of onder de douche. Het is raadzaam om je wensen rondom het controleren van de ontsluiting te bespreken tijdens de zwangerschapsconsulten, zodat er rustig kan worden geluisterd, nagedacht en eventueel informatie kan worden opgezocht.

De Nageboorte en Periode na de Bevalling
Nadat de baby is geboren, volgt de nageboorte, waarbij de placenta wordt geboren. Dit gebeurt meestal binnen een half uur na de geboorte van de baby. De baarmoeder trekt samen om de placenta los te maken. Je kunt weer persdrang voelen om de placenta naar buiten te persen. De baarmoeder voelt dan als een harde bal onder de navel. Als de hartslag van de baby niet meer voelbaar is in de navelstreng, kan deze worden doorgeknipt. Na het geboren worden van de placenta wordt de vagina gecontroleerd op scheurtjes (rupturen). Bij eventuele scheurtjes die gehecht moeten worden, wordt verdoving toegepast. De meeste vrouwen ervaren een eerste of tweede graads-ruptuur, die meestal goed geneest. Bij een derde of vierde graads-ruptuur, waarbij de kringspier is geraakt, wordt de gynaecoloog ingeschakeld. Na de bevalling is huid-op-huidcontact met de baby erg belangrijk, vooral in het eerste uur ('golden hour'). Dit helpt bij het herstel van de baby na de geboorte, stimuleert natuurlijke reflexen en bevordert de hechting. De verloskundigen helpen met het aanleggen van de baby, zorgen voor eten en drinken, en geven jullie tijd om samen te zijn. Ongeveer een uur na de bevalling wordt de baby gewogen en nagekeken. De lengte wordt niet gemeten om schade te voorkomen. De baby krijgt, indien gewenst, vitamine K toegediend ter ondersteuning van de bloedstolling. Na de bevalling kun je douchen. Het is belangrijk om te proberen te plassen, wat soms lastig kan zijn door zwelling. Bij een thuisbevalling wordt alles opgeruimd en het bed verschoond. Bij een ziekenhuisbevalling mag je, indien alles goed gaat, ongeveer 2 tot 3 uur na de bevalling weer naar huis.
Huid-op-huidcontact: voordelen voor zowel baby als ouders
Wanneer Bellen en Wat te Verwachten
Je belt de verloskundige wanneer de eerste weeën zich aandienen, zeker als je al drie centimeter ontsluiting hebt, of als de weeën om de 5 minuten komen (bij een tweede of meerdere kinderen om de 5 minuten). Ook bij gebroken vliezen, zeker als deze helder zijn en er geen weeën op gang komen binnen 24 uur (bij helder vruchtwater en goede gezondheid van moeder en kind), is het belangrijk contact op te nemen. Als de vliezen breken en je verliest slijmerig bloed ('het tekenen'), neem dan ook contact op. Bij twijfel of het wel weeën zijn, is het beter om te bellen. Wanneer de bevalling is gevorderd en de weeën intenser worden, zal de verloskundige bij je blijven. Bij een thuisbevalling worden de weeën ondersteund. Ga je poliklinisch bevallen in het ziekenhuis, dan zal de verloskundige jullie vergezellen. Regelmatige controles vinden plaats, waarbij geluisterd wordt naar het hartje van de baby en met enige regelmaat een inwendig onderzoek wordt uitgevoerd om de ontsluiting te meten. Indien nodig en in overleg, kunnen de vliezen kunstmatig gebroken worden tijdens de ontsluiting. De persdrang ontstaat wanneer de baby verder indaalt en druk uitoefent op het laatste deel van de darm. De weeën worden krachtiger, waardoor de baby verder naar beneden komt. Hoe dieper het hoofdje van de baby zit, hoe makkelijker het persen verloopt.
De bevalling is een natuurlijk proces dat niet altijd volgens een strak tijdschema verloopt. Het is een proces dat je met vertrouwen tegemoet kunt gaan. Het is belangrijk om goed te luisteren naar je lichaam en de aanwijzingen van de verloskundige op te volgen. Elke bevalling is uniek en kan anders verlopen dan verwacht. Het is raadzaam om je goed te informeren en voor te bereiden op wat je kunt verwachten, zodat je de bevalling zo rustig en positief mogelijk kunt ervaren.
tags: #met #hoeveel #ontsluiting #naar #het #ziekenhuis