De Lichamelijke Aanwezigheid van Christus
‘Leg je vingers hier en kijk naar mijn handen, en leg je hand in mijn zij. Wees niet langer ongelovig, maar geloof!’ (Johannes 20:27)
Om apostel Tomas ervan te overtuigen dat hij uit de dood herrezen is, maakt Christus gebruik van zijn lichaam. Een vijftiende-eeuwse beeldengroep uit Thüringen toont dit moment: Tomas legt zijn hand op de ontblote borst van Christus. Zijn vingers raken de zijdewond. Het is een kalme en intieme scène. Het is alleen Tomas vergund om zo dicht bij Christus te komen. Op meesterlijke wijze weet de kunstenaar duidelijk te maken dat Christus menselijk, maar ook goddelijk is. Hij kan aangeraakt worden, hij is echt lichamelijk aanwezig.
Tegelijkertijd lijkt Christus niet bij de scène betrokken. Hij kijkt niet naar Tomas, maar staart voor zich uit. Is dit een teken dat hij niet meer van deze wereld is? Tomas heeft al zijn aandacht op de zijdewond gevestigd. Tomas mag de wond aanraken.
Paulus en de Stigmata
Ook apostel Paulus kent de wonden van Christus van nabij: ‘En laat voortaan niemand mij meer tegenwerken, want ik draag de littekens van Jezus in mijn lichaam,’ zo schrijft hij aan de Galaten (Galaten 6:17).
Volgens kerkgeleerden heeft Paulus de stigmata ontvangen dankzij zijn ascetische leven. Het ontvangen van de kruiswonden op het eigen lichaam zou een gevolg zijn van het lijden van een individu in naam en navolging van Christus.
De Groeiende Nadruk op Christus' Wonden in de Middeleeuwen
In de middeleeuwen zal er steeds meer nadruk op de wonden van Christus komen te liggen. Hierdoor beginnen de gelovigen anders met die wonden om te gaan. Er ontstaat een diep verlangen om zelf de wonden van Christus te mogen ontvangen.
Franciscus van Assisi en de Stigmatisering
De bekendste heilige die de stigmata mocht ontvangen is Franciscus van Assisi (1181/82-1226). Rond 14 september 1224, de dag van de Heilige Kruisverheffing, krijgt Franciscus een visioen. Een zesvleugelige serafijn, genageld aan het kruis, verschijnt aan hem. Op dat moment ontvangt hij de vijf kruiswonden.

Een paneel dat omstreeks 1500 in de Noordelijke Nederlanden is vervaardigd toont een unieke uitwerking van het beroemde visioen. Een gewone kruisigingsscène met Christus, Maria, Johannes en Maria Magdalena is gecombineerd met de stigmatisering van Franciscus. Broeder Leo en Clara, Franciscus’ volgelingen, zijn ook aanwezig. In plaats van een gekruisigde serafijn is het de gekruisigde Christus die Franciscus de stigmata geeft. Bloedrode lijnen lopen van de wonden van Christus naar die van Franciscus.
Ook bijzonder is een laatvijftiende-eeuws Utrechts beeld van de heilige. Franciscus toont zijn handen, waarin de wonden van de spijkers zichtbaar zijn. Door een opening in zijn habijt wordt ons een blik op de zijdewond gegund. De wonden in de voeten zijn niet zichtbaar, omdat ze bedekt worden door de zoom van het habijt.
Lidwina van Schiedam en Andere Heiligen
Minder bekend is dat ook andere heiligen de stigmata ontvingen. De heilige Lidwina van Schiedam (1380-1433) raakte op vijftienjarige leeftijd verlamd door een val op het ijs. Ze bracht de rest van haar leven liggend in bed door. Daar kreeg ze vele visioenen. In een daarvan verscheen Christus aan haar sponde. Uit zijn wonden kwamen lichtstralen die zich in haar lichaam drukten en stigmata achterlieten. Dit is verbeeld in een van de prenten die aan haar vita zijn gewijd. We zien Christus aan haar voeteneinde staan, met een enorm kruis dat tegen zijn schouder rust. Net als bij Franciscus lopen er lijnen vanuit de wonden van Christus naar de stigmata van Lidwina.

Theologische Grondslagen: Anselmus en Meditatie op het Lijden
Naarmate de middeleeuwen vorderen, wordt de fixatie op de wonden van Christus steeds groter. Diverse geschriften van theologen en kerkgeleerden zijn hierop van invloed. Een van de belangrijkste werken is het twaalfde-eeuwse Cur Deus homo, geschreven door Anselmus, aartsbisschop van Canterbury (1033-1109).
Aan de hand van de Bijbel probeert Anselmus uit te leggen waarom Christus mens moest worden. Door de zondeval, die Adam en Eva veroorzaakten, was de menselijke schuld enorm. Geen gewone sterveling zou deze schuld kunnen inlossen door boete te doen. Het werk van Anselmus zal grote invloed hebben op de wijze waarop men naar de passie van Christus kijkt.
In steeds meer geschriften komt het lijden van Christus centraal te staan. De auteurs bevelen meditatie aan om dit lijden maximaal te doorvoelen. Het bekendste voorbeeld is het veertiende-eeuwse Meditationes Vitae Christi, geschreven door pseudo-Bonaventura, een noodnaam voor de verschillende anonieme auteurs van het traktaat. Meer dan tweehonderd handschriften met dit werk zijn aan ons overgeleverd, waarvan zeventien exemplaren zijn voorzien van verluchtingen.
Imitatio Christi: Navolging en Overdrijving
Onder franciscanen worden de wonden van Christus hevig vereerd, wegens de band met Franciscus en zijn stigmata. Sommigen gaan heel ver in hun poging tot imitatio Christi, het nadoen van Christus’ gedragingen en vooral lijden.
Wat te denken van de mystica Dorothea van Montau (1347-1394)? Urenlang stond zij geleund tegen een muur, in de houding van de gekruisigde Christus. Deze wijze van imitatio is echter onschuldig vergeleken bij wat theoloog en historicus Jacobus van Vitry (1165/80-1240) optekent. Een man uit Luik wilde zich laten kruisigen op Goede Vrijdag. Hij had een heuvel beklommen, als imitatie van Golgota, en had zich daar vervolgens aan een kruis laten nagelen. Zijn helpers waren vertrokken, en daar hing hij, helemaal alleen en vergeten. Hij werd net op tijd door herders gevonden, die hem van het kruis haalden.
Jacobus van Vitry waarschuwt: dit kan niet! Een dergelijke imitatio Christi is zondig en ingefluisterd door de duivel. Overdrijving ligt op de loer en moet te allen tijde vermeden worden. Imitatie is goed, maar dieper lijden dan Christus is onaanvaardbaar.
Zo stuurt dominicaner prediker Venturino de Bergamo (1304-1346) zwepen naar Katharina von Gueberschwihr, abdis van Unterlinden (ca. 1250-1330/45). Ze zijn bedoeld voor drie van haar nonnen, die ze willen gebruiken om de geseling van Christus te imiteren. Venturino voegt bij zijn geschenk een waarschuwing: zelfkastijding mag niet te hard.
De Zijdewond als Focus van Meditatie en Symboliek
Groter en groter wordt de fascinatie. Men wil nog dieper tot het lijden van Christus doordringen. Met het vijftiende-eeuwse traktaat Imitatio Christi van mysticus Thomas à Kempis (1380-1471) krijgt de gelovige aanwijzingen hoe dat te doe. Het lijden van Christus moet zo nauwkeurig mogelijk gevolgd worden. Dit kan alleen door meditatie. Elke wond van Christus moet apart bekeken worden om zo het lijden maximaal te ervaren. Visuele hulpmiddelen zijn een waardevolle ondersteuning.
Zo ontstaan er gebeden voor de wonden van Christus, die opgenomen worden in getijdenboeken. Vaak zijn deze gebeden van miniaturen van een of meerdere van de wonden voorzien. Wonderlijke afbeeldingen zijn het: losse handen en voeten, die uit een wolk verschijnen. De zijdewond is soms als hart weergegeven, vergezeld van vier losse wonden. Vaker zien we de zijdewond afgebeeld als een groot rood ovaal. Het lichaam van Christus is hierbij weggelaten, de aandacht is geheel op de wonden zelf gericht. Door het weglaten van Christus’ lichaam worden de wonden losse objecten, net als andere aan de passie gerelateerde zaken als de gesel en doornenkroon.

In een getijden- en gebedenboek vervaardigd in de Zuidelijke Nederlanden aan het einde van de veertiende eeuw volgen op de gebeden tot de wonden beschrijvingen van objecten die een rol hebben gespeeld bij de passie van Christus. Dat de wonden op een lijn worden gesteld met de passiewerktuigen zien we ook in de Passionale Ecclesiae Trajectensis, een handschrift dat in 1424 is gemaakt in het kartuizerklooster Nieuwlicht in Utrecht. De leden van deze zeer strenge kloosterorde leidden een ascetisch bestaan, met als hoogste doel mystieke eenwording met God. Meditatie, gericht op het lijden van Christus, was heel belangrijk. Hieruit vloeide een grote devotie voor Christus’ kruiswonden voort. In een benedenmarge van het handschrift zijn de wonden van Christus en de passiewerktuigen afgebeeld. Ook hier zijn de wonden als objecten weergegeven. Ze hebben gestileerde vormen: ovaal voor de zijdewond, rondjes voor de door de spijkers veroorzaakte wonden. De randen van de wonden zijn rood, met een donkere kern waar de lans en de spijkers de huid doorboorden. Het gaat hier niet om de schoonheid van de afbeelding; de functie is praktisch. De tekst gaat over de passie van Christus.
Ook in nonnenkloosters worden de wonden van Christus diep vereerd. Net als voor monniken zijn voor nonnen meditatieve teksten en gebeden cruciaal in de geloofsbeleving en vormen afbeeldingen een waardevolle ondersteuning.
De Zijdewond en de Associatie met het Vagina
Het zijn wonderlijke afbeeldingen, die overgebleven zijn uit de vrouwenkloosters. In het rijk verluchte Bohun psalter, gemaakt in Engeland omstreeks 1375, bevindt zich een bladvullende miniatuur, in compartimenten opgedeeld, waarin de gehele passie van Christus is samengebald. Bovenaan in het midden zien we Christus aan het kruis, vergezeld door Maria en Johannes. In de andere vakjes zijn de passiewerktuigen uitgestald. De getoonde objecten zijn min of meer in verhouding met de kruisigingsscène. Dat geldt echter niet voor de zijdewond van Christus, onderaan in de miniatuur weergegeven. Hij is niet te missen: heel groot, rood en vlezig. Een associatie met een vagina dringt zich op. Toeval? Ook in getijdenboeken - handschriften met gebeden die gelovigen gebruikten voor privédevotie - komen dergelijke afbeeldingen voor.

In een getijdenboek dat deels in Vlaanderen en deels in Frankrijk werd vervaardigd aan het begin van de vijftiende eeuw, bevindt zich een bladvullende miniatuur van alleen de gigantische zijdewond tegen een groene achtergrond. Roze huid met rode randen; de wond wijd opengesperd. Bij nadere beschouwing is in de wond een groot hart zichtbaar, met daarin de vijf wonden van Christus. De grote wond is bloedeloos, uit de vijf kleine wonden stroomt het bloed. De associatie met een vagina is hier nog veel sterker. Waar kijken we naar? En hoe moeten we dit duiden? Dit soort afbeeldingen ontstaan in een periode waarin de verering van de wonden van Christus - en dan vooral de zijdewond - hoogtij vierde.
De Zijdewond als Poort en Deur
Over de wonden ontstaan allerlei, soms haast onnavolgbare theorieën. Kunstenaars weerspiegelen deze ideeën in hun kunstwerken. Zo claimde men de afmetingen van de wond te weten. Afgebeelde wonden volgen vaak die maatvoering.
In Parijs worden in de eerste helft van de dertiende eeuw Bibles moralisées gemaakt: heel kostbare, rijk verluchte platenbijbels, die een selectie van teksten uit de Bijbel bevatten. De illustraties verbeelden de complexe theologische concepten en dienen als aanvulling op geselecteerde bijbelpassages. Scènes uit het Oude en Nieuwe Testament worden gecombineerd. Vervolgens worden deze zogenaamde typologieën gekoppeld aan afbeeldingen, die op hun beurt als commentaar op de tekstcombinaties fungeren. De afbeeldingen zijn vaak moeilijk te doorgronden, ze vereisen veel theologische kennis.
In een dertiende-eeuwse Bible moralisée, nu in de collectie van de Österreichische Nationalbibliothek in Wenen, wordt de gangbare scène, waar Eva wordt geschapen uit de zijde van Adam, gekoppeld aan een kruisigingsscène. Het is geen gewone kruisigingsscène: zoals Eva uit Adams zijde naar buiten lijkt te komen, zo komt hier een vrouw uit de zijdewond van Christus. De vrouw is Ecclesia, personificatie van de kerk. Dit sluit aan op een passage in de brief van apostel Paulus aan de Efeziërs, waarin het huwelijk tussen man en vrouw wordt vergeleken met de band die Christus met de kerk heeft: ‘Want een man is het hoofd van zijn vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk, het lichaam dat hij gered heeft. […] Mannen, heb uw vrouw lief, zoals Christus de kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft prijsgegeven om haar te heiligen, haar te reinigen met water en woorden.’ (Efeziërs 5:22-23)
Volgens Paulus zou Christus de kerk, ofwel Ecclesia, gered hebben. Door zijn kruisdood kan Ecclesia ontstaan. Dit idee is in de kruisigingsminiatuur wel heel plastisch weergegeven. In beide afbeeldingen assisteert God, in de gedaante van de mensgeworden Christus, bij de ‘geboorte’ van Adam en Ecclesia.
Ook wordt de zijdewond, in de vele mystieke teksten die de ronde doen, regelmatig vergeleken met een doorgang of een deur. Zoals zo vaak worden ook voor dit idee bijbelteksten aangehaald. Voor de vergelijking met de deur beroept men zich op Openbaringen 3:20, waar wordt gezegd: ‘Ik sta voor de deur en klop aan. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal ik binnenkomen, en we zullen samen eten, ik met hem en hij met mij.’ Men interpreteert deze deur als een toegang tot het hart van Christus, waarin de gelovige spirituele voeding kan nuttigen. De gelovige wil heel dicht bij deze wond zijn, zo blijkt uit een laatdertiende-eeuws gedicht, Gott und die Seele. Redenen genoeg om de zijdewond veel aandacht te geven in afbeeldingen, en extra groot weer te geven. De wond speelt een heel belangrijke rol bij de meditatie en bij de imitatio Christi.
De Sponsa en het Hart van Christus
Toch verklaart dat niet waarom de wond zo sterk lijkt op een vagina. Mag er aan dergelijke afbeeldingen, in gebeden- en getijdenboeken notabene, een seksuele connotatie worden toegekend? In de Rothschild Canticles, een Frans handschrift uit omstreeks 1300 met verschillende meditaties en gebeden, bevindt zich een aantal uitzonderlijke miniaturen, groot en bijna paginavullend. Er is geen begeleidende tekst. Christus wordt afgebeeld met de passiewerktuigen, helemaal naakt, wat heel ongebruikelijk is. Hij wijst op zijn bloedende zijdewond, en kijkt naar een gesluierde vrouw die is afgebeeld op de tegenoverliggende pagina. Zij is geknield, met een lans in haar hand. Haar blik is strak op de zijdewond van Christus gericht. Als we de lijn van haar lans door zouden trekken, komen we exact uit in de wond van Christus. Deze vrouw stelt Sponsa voor, de bruid uit het Hooglied.
Deze interpretatie komt niet uit de lucht vallen en wordt ondersteund door een andere passage. Een bladzijde eerder worden twee bijbelteksten in verband gebracht: de tekst uit Openbaringen 3:20, die gebruikt wordt om de zijdewond als een deur te interpreteren, en een passage uit Hooglied 4:9. Dit lijkt opmerkelijk. Het Hooglied is een samenspraak tussen de bruidegom en zijn bruid, Sponsum en Sponsa, en bestaat uit erotisch getinte liefdesgedichten. Het was heel populair binnen met name de vrouwelijke middeleeuwse kloostergemeenschappen.
Ook hier ligt complexe middeleeuwse theorievorming aan ten grondslag. We zagen al dat Paulus schreef over de relatie tussen Christus en de kerk als een relatie tussen man en vrouw. Vanaf de vijfde eeuw worden de begrippen Sponsum en Sponsa uit het Hooglied gebruikt om dit allegorische huwelijk tussen Christus en zijn bruid, de kerk, aan te geven. De betreffende passage in het Hooglied (Hooglied 4:9) spreekt over een hart dat gewond is door de blik van de bruid. Volgens middeleeuwse interpretatie was het dus Sponsa/Ecclesia die het hart van haar bruidegom Christus verwondde.
De Ontwikkeling van de Penis bij Kinderen
Iedere ouder maakt zich weleens zorgen over de lichamelijke ontwikkeling van zijn of haar kind. Maar wanneer zijn die zorgen nou precies terecht?
‘Mijn zoon is pas zes jaar, dus ik begrijp dat het logisch is dat zijn penis nog klein is. Maar als ik het vergelijk met zijn twee oudere broers (op die leeftijd) is die van hem echt aanzienlijk kleiner.’ Op zijn leeftijd (zes jaar) ligt de gemiddelde penislengte (bij 95 procent van alle jongens) tussen de 3,5 en 5,5 cm. Dit wordt op de volgende manier gemeten: vanaf het schaambeen wordt de penis door de eikel vast te houden licht uitgerekt. Er wordt vanaf het schaambeen tot en met de eikel gemeten (de voorhuid telt niet mee). Er wordt gemeten vanaf het schaambeen omdat de hoeveelheid buikvet de penis soms kleiner doet lijken.
Als de penis van jouw zoon korter is dan 3,5 cm, kan er sprake zijn van een zogenaamde micropenis. Men spreekt hiervan als de penis bij de geboorte korter is dan 2 cm. In de meeste gevallen komt dit door hormonale afwijkingen, soms door medicijngebruik tijdens de zwangerschap en soms past het bij een syndromale afwijking. De behandeling bestaat meestal uit het geven van testosteron. Het is aan te raden om bij de huisarts langs te gaan en de penislengte van je zoon te laten opmeten. Het kan goed zijn dat hij een relatief kleine penis heeft maar dat die nog binnen de normaalwaarden valt.