Veel gehoorde kritiek van zowel Joodse als niet-Joodse zijde op het Nieuwe Testament betreft de toepassing van Jesaja 7:14 op Mattheüs 1:23, met name rond het woord 'maagd'. Deze kritiek richt zich op de vertaling van het Hebreeuwse woord almah, dat 'jonge vrouw' betekent, en strikt genomen niet per se 'maagd' inhoudt. Voor het woord 'maagd' gebruikt het Hebreeuws het meer voorkomende woord betulah. De eerste vermelding van dit woord in het Oude Testament definieert het als volgt: "En die jonge dochter was zeer schoon van aangezicht, een maagd, en geen man had haar bekend; en zij ging af naar de fontein, en vulde haar kruik, en ging op" (Genesis 24:16).
Het Grieks, in de Septuaginta, maakt dit onderscheid niet en vertaalt beide termen, almah en betulah, consequent met parthenos. Critici stellen dat de vertaling in Jesaja 7:14 onjuist is en dat er 'de jonge vrouw zal zwanger worden' had moeten staan, wat de NBG '51 ook doet. Desondanks hoeven we van dergelijke redeneringen niet te schrikken, zelfs als ze waar zijn, want de maagdelijke geboorte van de Heer Jezus is niet afhankelijk van deze specifieke tekst.
De maagdelijkheid van Maria tot aan de geboorte van de Heer wordt duidelijk uit andere verzen in Mattheüs 1. De Engel des Heren verzekert Jozef dat hij niet bevreesd hoeft te zijn om Maria tot zich te nemen, "want hetgeen in haar ontvangen is, dat is uit de Heilige Geest". Jozef nam haar daarop tot vrouw, maar "bekende haar niet, totdat zij deze haar eerstgeboren Zoon gebaard had" (Matteüs 1:20, 25). Hieruit volgt dat de vertaling van 'maagd' of 'jonge vrouw' in Mattheüs 1:23 uiteindelijk niet essentieel is voor de kern van het geloof.
De Profetie van Jesaja en de Context van Achaz
De kritiek op Jesaja 7:14 en Mattheüs 1:24 reikt verder. Jesaja sprak zijn woorden tot Achaz, die weigerde een teken te vragen uit zogenaamde vroomheid. In die tijd hadden de koningen van Syrië en Israël een bondgenootschap gesloten om Jeruzalem aan te vallen. De angst van het volk was groot. Jesaja trad op als profeet om deze angst weg te nemen, met de boodschap dat deze koningen Jeruzalem niets konden aandoen.
Om deze boodschap te bekrachtigen, sprak Jesaja de profetie: "ziet, de (niet: een) maagd zal zwanger worden." Deze profetie gold specifiek voor Achaz en zijn tijd. Jesaja 7:14 is onderdeel van een groter schriftgedeelte dat doorloopt tot en met Jesaja 9:6. Het is belangrijk dit gehele gedeelte in zijn context te lezen.

In Jesaja 7 tot en met 9 worden niet minder dan vier kinderen genoemd, die allen dienen als tekenen en wonderen in Israël. De namen en betekenissen van deze kinderen zijn:
- Schear-Jaschub (7:3): "het overblijfsel zal wederkeren".
- Maher-Schalal Chazbaz (8:3): "Haastende tot de roof, is hij spoedig tot de buit". Dit verwijst naar de koning van Assyrië (vers 4, 7).
Elke profetie rond de namen van deze kinderen vond een vervulling in de dagen van Jesaja. Ook het tweede kind, waarvoor een jonge vrouw zwanger werd en een zoon baarde genaamd Immanuel. "Zekerlijk, eer dit knechtje weet te verwerpen het kwade, en te verkiezen het goede, zal dat land, waarover gij verdrietig zijt, verlaten zijn van zijn twee koningen," namelijk de koning van Israël en zijn bondgenoot, de koning van Syrië (Jesaja 7:16).
Dat deze tekenen bestemd waren voor de tijd van Achaz en toen hun vervulling kregen, verbaast niet, aangezien God de God is van verleden, heden en toekomst. Wanneer het Nieuwe Testament stelt dat een tekst of gebeurtenis "vervuld" werd, betekent dit letterlijk dat deze "vol gemaakt" of "volmaakt" werd.
Het Concept van 'Vervulling' in de Bijbel
Het woord 'vervullen' kent diverse toepassingen in de Bijbel, die vaak duiden op het 'vol maken' van iets. Enkele voorbeelden zijn:
- "Wederom is het Koninkrijk der hemelen gelijk aan een net, geworpen in de zee, en dat allerlei soorten van vissen samenbrengt; Dat, wanneer het vol geworden is, de vissers aan de oever optrekken, en neerzittende, lezen het goede uit in hun vaten, maar het kwade werpen zij weg" (Matteüs 13:47, 48).
- "Toen hem nu de tijd van veertig jaren vervuld was, kwam hem in zijn hart, zijn broeders, de kinderen Israëls, te bezoeken" (Handelingen 7:23).
- "En de discipelen werden vervuld met blijdschap en met de Heilige Geest" (Handelingen 13:52).
- "En van daar scheepten zij af naar Antiochíë, van waar zij aan de genade Gods bevolen waren geweest tot het werk, dat zij volbracht hadden" (Handelingen 14:26).
- "... opdat gij staan moogt, volmaakt en volkomen in al de wil van God" (Kolossenzen 4:12).
Deze teksten tonen aan dat 'vervullen' primair gelezen moet worden in de grondbetekenis van 'vol maken'. Het is daarom niet uitgesloten dat een schriftgedeelte, dat oorspronkelijk een historische gebeurtenis aanduidt, pas 'vol gemaakt' wordt in de Messias. Zo'n gedeelte heeft dan zowel een letterlijke uitleg voor het verleden, als een letterlijke uitleg voor heden en/of toekomst, en wordt 'volmaakt', 'volbracht', en 'vervuld' in Christus.
Het Vierde Kind en de Messiaanse Profetie
Terugkerend naar Jesaja 7-9, zien we drie kinderen die als tekenen en wonderen dienden. Er zal een overblijfsel wederkeren. De Heer Jezus is Immanuel, God met ons. De Schrift spreekt van een verwoestende vorst in de toekomst (Daniël 9:26-27), gerelateerd aan de naam van het derde kind, Maher-Schalal Chazbaz.
Dit alles culmineert in de wederkomst van de Heer Jezus Christus en de vestiging van Zijn rijk. Jesaja 9:5-6 beschrijft het vierde Kind in dit schriftgedeelte: "Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder; en men noemt Zijn naam Wonderlijk, Raad, Sterke God, Vader der eeuwigheid, Vredevorst; Aan de grootheid van deze heerschappij en van de vrede zal geen einde zijn op de troon van David en in zijn koninkrijk, om dat te bevestigen, en dat te sterken met gericht en met gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid toe. De ijver van de HEERE der heerscharen zal zulks doen."

Dit vierde Kind is geboren, en het Hebreeuwse woord hiervoor is van dezelfde stam afgeleid als 'baren' in Jesaja 7:14. Ook dit Kind is geboren uit een vrouw, en Zijn Naam is niet alleen Immanuel, maar ook 'Sterke God'. Dit Kind is het ultieme vervullen van de profetie.
De Geboorte van Johannes en Jezus in Lucas
Het evangelie van Lucas beschrijft de geboorte van Johannes de Doper en de aankondiging van de geboorte van Jezus. Zacharias, een priester, en zijn vrouw Elisabet, die kinderloos en op leeftijd waren, ontvingen de boodschap van de engel Gabriël dat Elisabet een zoon zou krijgen, genaamd Johannes. Johannes zou een dienaar van God zijn en de weg voorbereiden voor de Heer.
De engel Gabriël verscheen later aan Maria, een jonge vrouw die verloofd was met Jozef. Hij bracht haar het nieuws dat zij zwanger zou worden door de Heilige Geest en een zoon zou baren, genaamd Jezus. "Jezus zal heel belangrijk zijn, hij zal Zoon van de allerhoogste God genoemd worden. En God, de Heer, zal hem koning maken, net zoals zijn voorvader David dat was. Jezus zal voor altijd koning van Israël zijn. Aan zijn macht komt geen einde." Maria, hoewel nog maagd, aanvaardde deze boodschap: "Ik wil God dienen. Laat er met mij gebeuren wat u gezegd hebt."
Maria bezocht haar familielid Elisabet, die toen al zes maanden zwanger was van Johannes. Bij haar komst sprong het kind in Elisabets buik, en Elisabet verklaarde Maria gezegend en de moeder van de Heer. Maria dankte God in een lofzang, waarin zij Gods macht en liefde voor Zijn volk bezingt.
Na de geboorte van Johannes, die door zijn vader Zacharias, die zijn spraak terugkreeg, ook zo genoemd werd, groeide hij op in de Geest. Zacharias dankte God in een profetisch lied, waarin hij de komst van de Heer en de redding door Hem aankondigde.
Zwangerschap als Wonder en Teken van Hoop
De Bijbel spreekt regelmatig over zwangerschap als een bijzonder en emotioneel moment, en veel mensen zoeken steun en richting in de Heilige Schrift. Zwangerschap wordt gezien als een wonder en een teken dat God nog steeds een plan heeft met deze wereld, een teken van hoop.
Een inspirerende Bijbeltekst over zwangerschap is Psalm 139:13-14: "Gij hebt mijn nieren gevormd, geweven in mijn moeders buik. Ik dank u, omdat ik wonderbaarlijk ben geschapen." Of men nu zwanger is of kinderen opvoedt, de Bijbel biedt teksten die geruststelling, hoop en moed kunnen bieden.
De Bijbeltekst van de dag benadrukt dat de Heer zelf een teken zal geven: "Een jonge vrouw zal zwanger worden en ze zal een zoon krijgen. Ze zal haar kind Immanuel noemen." Dit verwijst naar de vervulling van Jesaja's profetie in de geboorte van Jezus. De engel Gabriël bevestigde aan Maria: "De heilige Geest zal bij je komen. En door de kracht van de allerhoogste God zul je zwanger worden. Daarom zal jouw kind bij God horen, en zal hij Zoon van God genoemd worden."
Het verhaal van Abraham en Sara, die ondanks hun leeftijd en Sara's onvruchtbaarheid toch een zoon kregen dankzij Gods belofte en Abrahams geloof, illustreert Gods vermogen om wonderen te doen. Net zoals David in Psalm 139:16 schrijft over Gods kennis van het ongeboren leven, erkent de Bijbel dat het ontstaan van nieuw leven een goddelijk werk is.
De Bijbel leert dat Gods beloften 'Ja en Amen' zijn (2 Korintiërs 1:20). Door genade, niet door eigen prestatie, kan men een wonder verwachten. De Bijbelteksten moedigen geloof aan: "Want zoals Jezus is, zo zijn wij hier op aarde" (1 Johannes 4:17). Door Hem die kracht geeft, is niets onmogelijk (Filippenzen 4:13).
Immanuel: God is met ons | Dr. David Jeremiah
De belofte van God aan Jeruzalem, die beschrijft hoe een verlaten stad opnieuw bevolkt zal worden met meer inwoners dan ooit tevoren, kan ook worden toegepast op het persoonlijke leven, als een metafoor voor vernieuwing en vruchtbaarheid. Gods liefde verdwijnt niet, en Zijn belofte van vrede geldt voor altijd.
tags: #bijbeltekst #zwanger #worden