Plotseling geen borstvoeding ondanks vaak aanleggen: oorzaken en oplossingen

Het geven van borstvoeding biedt talrijke voordelen voor zowel moeder als kind. Moedermelk bevat essentiële voedingsstoffen die de groei en ontwikkeling van de pasgeborene ondersteunen. Vooral in de eerste weken is moedermelk rijk aan stoffen die het immuunsysteem versterken. Daarnaast kan borstvoeding gunstig zijn voor het herstel van de moeder na de bevalling. Het hormoon oxytocine, dat vrijkomt tijdens het voeden, stimuleert de samentrekking van de baarmoeder, wat kan helpen om bloedverlies na de bevalling te verminderen.

illustratie van de voordelen van borstvoeding voor moeder en kind

Hoe komt de melkproductie op gang?

Tijdens de zwangerschap worden de borsten al voorbereid op borstvoeding. Het hormoon prolactine, samen met andere hormonen zoals oestrogeen en progesteron, zorgt voor de groei van melkklieren en melkkanalen. De melkproductie wordt echter onderdrukt tot na de bevalling.

Wanneer de baby aan de tepel zuigt, wordt een signaal naar de hersenen gestuurd, wat leidt tot de afgifte van hormonen zoals prolactine en oxytocine. Prolactine bevordert de melkproductie, terwijl oxytocine de toeschietreflex veroorzaakt, waardoor de moedermelk naar de tepel wordt geduwd. Dit stelt de baby in staat om te drinken en de borst voldoende leeg te maken, wat essentieel is voor de aanmaak van nieuwe moedermelk. Hoe vaker de baby aan de borst wordt gelegd, hoe meer prolactinereceptoren er in de melkklieren worden aangemaakt, wat de productie stimuleert.

Het plotseling ervaren van minder melkproductie kan leiden tot onzekerheid en frustratie. Er zijn diverse oorzaken voor een verminderde melkproductie:

  • Te weinig aanleggen: Als de baby te weinig aan de borst wordt gelegd, of slechts aan één borst per keer, kan het lichaam denken dat er minder melk nodig is. Dit kan ook gebeuren als de baby veel slaapt en daardoor minder drinkt.
  • Inefficiënte drinktechniek: Een baby die niet goed aanlegt of onjuist zuigt, stimuleert de borsten onvoldoende en drinkt ze niet goed leeg. Een te kort tongriempje kan hieraan bijdragen.
  • Gebruik van fopspeen of fles: Regelmatig gebruik van een fopspeen of fles kan de zuigbehoefte van de baby bevredigen, waardoor deze minder vaak en minder effectief aan de borst drinkt.
  • Bijvoeding: Het geven van vast voedsel of extra vocht aan baby's jonger dan zes maanden is niet nodig en kan ervoor zorgen dat de baby minder moedermelk drinkt.
  • Stress: Stress kan de toeschietreflex negatief beïnvloeden, mogelijk door het remmen van de afgifte van oxytocine.
  • Medicatie en middelen: Het gebruik van alcohol, nicotine, cafeïne en bepaalde medicijnen, waaronder hormonale anticonceptiemiddelen, kan de toeschietreflex en melkproductie nadelig beïnvloeden.
  • Medische aandoeningen: Medische problemen zoals onvoldoende melkklierweefsel, hormonale afwijkingen, schildklierproblemen of eerdere borstoperaties kunnen de melkproductie beperken.
infographic met oorzaken van verminderde melkproductie

Stimuleren van borstvoeding: 9 tips

Als de melkproductie terugloopt, zijn er verschillende maatregelen die genomen kunnen worden om deze te verhogen:

  1. Frequentie en consistentie: Door de baby vaker en consequent aan te leggen, wordt het lichaam gestimuleerd om meer moedermelk aan te maken. Voed de baby zo vaak en zo lang als nodig, minimaal 8 tot 12 keer per dag, inclusief nachtvoedingen wanneer het prolactinegehalte het hoogst is.
  2. Beide borsten aanbieden: Laat de baby eerst de ene borst goed leegdrinken. Bied daarna de andere borst aan. Begin de volgende voeding met de borst waarmee de vorige voeding is geëindigd.
  3. Borstvoeding en kolven: Indien het niet mogelijk is om de baby vaker aan te leggen, kan kolven helpen de melkproductie te verhogen.
  4. Juiste houding: Wissel verschillende borstvoedingshoudingen af. Dit kan de baby helpen efficiënter te drinken en de borsten beter te legen, wat ook verstopte melkklieren kan voorkomen.
  5. Ontspanning: Blijf kalm en behoud vertrouwen, zelfs als het even niet lukt. Ontspanning is cruciaal voor een goede toeschietreflex en een soepeler voedingsproces. Creëer een rustige omgeving, neem een ontspannen houding aan en doe wat jou kalmeert. Een paar dagen volledige rust kan wonderen doen.
  6. Huid-op-huidcontact: Volledig huid-op-huidcontact met de baby stimuleert de afgifte van oxytocine, wat de melkuitscheiding bevordert en een gevoel van ontspanning geeft. Dit zorgt ervoor dat de baby zich kalm en veilig voelt en beter kan drinken.
  7. Borstmassage: Tijdens het voeden of kolven kan borstmassage met draaiende bewegingen de melkstroom bevorderen. Borstcompressie, waarbij extra druk wordt uitgeoefend op volle plekken, helpt de borsten leger te maken en de melkproductie te stimuleren.
  8. Fenegriek: Sommige kruiden, zoals fenegriek, worden gebruikt om de borstvoeding te stimuleren. Hoewel er beperkte onderzoeken zijn naar de effectiviteit en veiligheid, suggereren sommige studies een toename van de melkproductie na inname van fenegriek.
  9. Aandacht voor voeding: Zorg voor een gezonde, gevarieerde voeding en drink voldoende water, aangezien moedermelk grotendeels uit water bestaat. Voedingsmiddelen zoals dadels, havermout, eieren, noten, vis, kip en tofu worden ook ingezet om de melkproductie te bevorderen.

Borstvoeding | 3D-animatie

Hoe weet je of je voldoende melk hebt?

Het kan soms twijfelachtig zijn of er voldoende melk is voor de baby, vaak versterkt door vragen uit de omgeving. Groeicurven zijn een nuttig hulpmiddel om de melkinname te beoordelen. Het is belangrijker dat de baby een bepaalde groeipatroon volgt dan dat hij op een specifiek percentiel zit. De WHO-groei curves bieden een referentie voor de ideale ontwikkeling van borstgevoede kinderen.

Het aantal stoelgangluiers varieert met de leeftijd. In de eerste dagen produceert een baby colostrum, een geconcentreerde voeding. Naarmate de melkproductie op gang komt, verandert dit in rijpe melk. Een baby die uitsluitend borstvoeding krijgt, produceert na de eerste vijf dagen meestal minimaal vijf natte luiers per 24 uur. De urine dient kleurloos of lichtgeel te zijn en niet te stinken. Baby's die borstvoeding krijgen, poepen doorgaans drie of meer keer per dag in de eerste zes tot acht weken; daarna kan de frequentie afnemen.

Een baby die voldoende melk binnenkrijgt, is over het algemeen alert en vertoont tevreden periodes tussen de voedingen. Huilerigheid, clusterfeeding en huilen zijn normaal babygedrag en niet per se een teken van lage melkproductie. Veelvuldig drinken kan te maken hebben met de snelle verteerbaarheid van moedermelk en het kleine maagje van de baby. Het is normaal dat jonge baby's acht tot twaalf keer per dag drinken en 's nachts wakker worden voor voeding. Baby's drinken ook voor troost, warmte en nabijheid.

Borsten die leeg aanvoelen, vooral na de eerste zes tot twaalf weken, zijn niet altijd een teken van lage melkproductie. Naarmate de borsten zich aanpassen aan de behoefte van de baby, kunnen ze zachter aanvoelen. Als de baby niet alert is, geen ontwikkelingsmijlpalen bereikt en geen tevreden periodes heeft, kan dit wijzen op uitdroging, wat kan komen door lage melkproductie of te weinig voedingen. Dit kan echter ook door andere oorzaken komen.

De hoeveelheid moedermelk wordt bepaald door de vraag van de baby. Als een baby niet genoeg drinkt, maakt het lichaam minder melk aan. Problemen met de aanlegtechniek kunnen ervoor zorgen dat de baby de borst niet goed leegdrinkt, wat de melkproductie kan verminderen. Ook niet vaak genoeg voeden of minder voeden (bijvoorbeeld door aanvullende flesvoeding) kan leiden tot een lagere productie.

Factoren zoals hormonale anticonceptie, hormonale onevenwichtigheden, of medische aandoeningen die leiden tot lage melkproductie (zeldzaam, minder dan 5% van de moeders) kunnen ook een rol spelen. Het goede nieuws is dat een lage melkproductie vaak tijdelijk is en verbeterd kan worden. De meest effectieve manier om de melkproductie te verhogen, is door frequent te blijven voeden op verzoek van de baby.

Tien redenen waarom borstvoeding geven moeilijk kan zijn

Veel moeders starten vol goede moed met borstvoeding, maar stuiten soms op uitdagingen die tot frustratie kunnen leiden. Dit kan verschillende oorzaken hebben:

  1. Pijnlijke of beschadigde tepels: Hoewel in het begin onwennig, kan aanhoudende pijn duiden op een probleem met de aanlegtechniek of zuigkracht van de baby, wat borstvoeding ondraaglijk kan maken.
  2. Moeizaam aanleggen: Sommige baby's hebben moeite met aanleggen of drinken niet effectief, waardoor ze onvoldoende melk binnenkrijgen. Ondanks begeleiding lukt het soms gewoon niet.
  3. Lage melkproductie: Ondanks veel aanleggen en het gebruik van hulpmiddelen, blijft de melkproductie soms achter door hormonale problemen, stress of gezondheidsfactoren.
  4. Te veel melkproductie: Een overproductie kan leiden tot stuwing, lekkende borsten en problemen voor de baby, zoals verslikken.
  5. Medische redenen van de moeder: Bepaalde medicijnen, gezondheidsproblemen of eerdere borstoperaties kunnen borstvoeding bemoeilijken of onmogelijk maken.
  6. Te vroeg geboren baby's: Premature baby's hebben soms nog niet genoeg kracht om goed aan te happen of te zuigen, waardoor afkolven en voeden via fles of sonde nodig is.
  7. Emotionele belasting en stress: De druk om te moeten slagen met borstvoeding kan leiden tot stress, gevoelens van falen of schuld, zeker in vergelijking met succesverhalen van anderen.
  8. Baby met voedselallergieën of reflux: Deze problemen kunnen borstvoeding lastiger maken en leiden tot huilbuien of huiduitslag, waardoor speciale flesvoeding soms de oplossing is.
  9. Gebrek aan tijd of praktische ondersteuning: Borstvoeding kost veel tijd, vooral als er snel weer gewerkt moet worden of er meerdere kinderen zijn. Gebrek aan steun kan het zwaar maken.
  10. Het voelt gewoon niet goed: Soms lukt borstvoeding technisch gezien wel, maar voelt het als moeder niet prettig, te intiem, vermoeiend of ongemakkelijk.
visuele weergave van de tien redenen waarom borstvoeding moeilijk kan zijn

Mogelijke oorzaken van te weinig borstvoeding

Er zijn diverse redenen waarom de melkproductie niet (voldoende) op gang komt of terugloopt:

  • Niet effectief drinken: Als de baby niet goed is aangelegd, drinkt hij niet effectief en stimuleert hij de borsten onvoldoende.
  • Onvoldoende toeschietreflex: Vermoeidheid, spanning of onzekerheid kunnen de toeschietreflex beïnvloeden.
  • Onvoldoende frequent voeden: Als er niet vaak genoeg wordt gevoed, kan de baby te weinig melk binnenkrijgen.
  • Bijvoeding: Het geven van kunstvoeding, thee, sap of water vult het maagje van de baby, waardoor deze minder vaak om voeding vraagt en de borsten minder melk aanmaken.
  • Gebruik van tepelhoedjes: Dit kan de melkproductie verminderen doordat er minder huid-op-huidcontact is.
  • Voeden op schema: Dit kan het vraag- en aanbodsysteem verstoren, met langere tussenpozen tussen voedingen tot gevolg.
  • Baby slaapt veel: Als de baby te weinig voeding binnenkrijgt, kan hij juist meer gaan slapen om energie te sparen.
  • Baby gebruikt borst als speen: Sabbelen aan de borst zonder effectief te drinken, stimuleert de productie niet voldoende.
  • Problemen met de gezondheid van de moeder: Stress, spanningen, een eenzijdig dieet of medicijngebruik kunnen de melkproductie beïnvloeden.
  • Gebruik van hormonale anticonceptie: Dit kan de melkproductie verminderen, met name in de eerste maanden.
  • Overmatig gebruik van cafeïne, alcohol of nicotine: Dit kan de toeschietreflex negatief beïnvloeden.
  • Lichamelijke factoren: Een borstoperatie of onvoldoende ontwikkeld melkklierweefsel (hypoplasie) kunnen de melkproductie beperken.

Adviezen om de borstvoeding te stimuleren

Om de borstvoeding te stimuleren, zijn er verschillende strategieën:

  • Vaak aanleggen: Leg de baby frequent aan, bij voorkeur 8 tot 12 keer per dag, en laat de baby zo lang drinken als hij wil.
  • Rust: Zorg voor voldoende rust, zowel geestelijk als lichamelijk.
  • Gezonde voeding en hydratatie: Eet gezond en gevarieerd en drink voldoende water.
  • Huid-op-huidcontact: Dit bevordert de aanmaak van prolactine en oxytocine.
  • Beide borsten aanbieden: Stimuleer de productie door beide borsten aan te bieden per voeding.
  • Borstcompressie en massage: Dit helpt de melkstroom te bevorderen en de borsten beter te legen.
  • Wakkermaken voor voeding: Als de baby erg slaperig is, maak hem dan wakker voor voeding, minimaal om de twee uur overdag.
  • Kolven: Indien nodig, kan extra kolven de melkproductie stimuleren.
  • Ondersteuning: Zoek steun bij een partner, familie, vrienden, een lactatiekundige of een borstvoedingsorganisatie.
schema met tips voor het stimuleren van borstvoeding

Het is belangrijk om te onthouden dat elke moeder en elke baby uniek is. Borstvoeding is prachtig, maar niet de enige manier om je baby een goede start te geven. Zolang jij en je baby gelukkig en gezond zijn, maak je de juiste keuze.

tags: #plotseling #geen #borstvoeding #ondanks #vaak #aanleggen