Scheve Tanden: Oorzaken, Gevolgen en Behandelingen

Afwijkingen in het tandglazuur kunnen al op jonge leeftijd worden geconstateerd, wanneer de eerste tanden en kiezen doorkomen. Het kindergebit is dan nog in ontwikkeling. Verschillende soorten glazuurafwijkingen komen bij kinderen voor, waarvan kaaskiezen en amelogenesis imperfecta de meest voorkomende zijn. Deze afwijkingen ontstaan vaak al voordat de eerste tanden doorkomen.

Illustratie van een melktand met glazuurafwijking.

Kaaskiezen

Kaaskiezen, ook wel bekend als hypomineralisatie van het melkgebit (HMM) of hypomineralisatie van het blijvend gebit (HMB), zijn de meest voorkomende glazuurafwijking bij jonge kinderen. Ongeveer 5 tot 9% van de kinderen heeft kaaskiezen in het melkgebit, en 9 tot 14% van de kinderen heeft er één of meerdere in het blijvende gebit. Bij kaaskiezen is de glazuurlaag niet goed ontwikkeld. Ze zijn vrij goed te herkennen aan hun crème-witte tot geel-bruine kleur, vergelijkbaar met kaas, en een bobbelige structuur.

Kinderen met kaaskiezen kunnen last ervaren bij het tandenpoetsen of bij het eten van warme of koude etenswaren. Omdat kaaskiezen gevoeliger zijn voor gaatjes, is het ondanks mogelijke pijn tijdens het poetsen, belangrijk om schade zoveel mogelijk te beperken. Poetsen met fluoride is de meest effectieve manier om kaaskiezen te beschermen. Regelmatige bezoeken aan de mondhygiënist helpen om kaaskiezen vroegtijdig te signaleren en een preventieve behandeling in te zetten, wat kan leiden tot frequentere controleafspraken.

Wanneer er al gaatjes in een kaaskies aanwezig zijn, worden deze behandeld door ze te vullen met een tandkleurig composietmateriaal of door het plaatsen van een zogenaamd Hall-kroontje (een metalen kroontje). Een mondhygiënist kan het gebit reinigen en de kaaskies extra beschermen met bijvoorbeeld een laag fluoridelak.

Amelogenesis Imperfecta

Amelogenesis imperfecta is een andere glazuurafwijking die kan voorkomen. Deze aandoening kent ruim 14 verschillende vormen, en de behandeling en het preventieve traject worden afgestemd op de specifieke vorm. Amelogenesis imperfecta is niet te genezen; behandelingen zijn gericht op het verbeteren van het uiterlijk van het gebit door middel van composietrestauraties en/of kronen. Voor kinderen met amelogenesis imperfecta is het ook belangrijk om aandacht te besteden aan het aantal eet- en drinkmomenten per dag.

Mondproblemen bij Verstandelijke Beperkingen

Mensen met een verstandelijke beperking lopen een verhoogd risico op tandvleesontsteking en tandbederf. Kauw- en slikproblemen leiden vaak tot het eten van vloeibaar, gepureerd of zacht voedsel, waarbij voedsel soms lang in de mond wordt gehouden. Dit vermindert de natuurlijke zelfreinigende werking van de mond en bevordert de vorming van tandplak, wat kan verharden tot tandsteen.

Niet alleen zacht voedsel, maar ook het langdurig sabbelen aan een zuigfles of anti-lekbeker met zoete inhoud, zoals vruchtensap, siroop of melkproducten, kan het gebit aantasten. Het wordt aangeraden de hoeveelheid zoete drankjes te beperken en water of ongezoete thee als alternatief te geven. Zoete drankjes kunnen het beste in één keer worden geconsumeerd, bij voorkeur uit een gewone beker met een rietje. Vooral ’s avonds en ’s nachts is het drinken uit een zuigfles met zoete inhoud schadelijk, omdat speeksel de zuuraanvallen op het gebit dan nauwelijks kan herstellen.

Maagzuur, dat extreem zuur is, tast het tandglazuur aan. Dit kan leiden tot tanderosie, een vorm van onherstelbare gebitsslijtage. Sommige personen rumineren (herkauwen) of ervaren spontane terugkeer van maaginhoud (reflux). Behandeling met zuurremmende medicijnen of soms een refluxoperatie kan nodig zijn, evenals aanpassingen in de voeding.

Kinderen met een verstandelijke beperking hebben vaak een kleine kaak, waardoor het gebit er niet goed in past. Soms wisselen zij niet al hun melktanden, terwijl de blijvende tanden wel zijn aangelegd. Het glazuur van pas doorgebroken tanden en kiezen is poreus en kwetsbaar. Het is belangrijk om de puntjes van nieuwe tanden of kiezen direct mee te poetsen zodra ze zijn doorgebroken. Zwelling van het tandvlees bij het doorkomen van nieuwe kiezen is normaal en kan pijnlijk zijn, maar is doorgaans geen reden tot ongerustheid.

Veel mensen met een verstandelijke beperking hebben afwijkingen in de stand, vorm en aantal van tanden en kiezen. Schots en scheef staande tanden zijn moeilijker schoon te maken, wat extra aandacht voor mondhygiëne vereist. Tandartsen kunnen afwijkende tandstanden soms verbeteren met een beugel of implantaten.

Infographic over mondhygiëne bij mensen met verstandelijke beperkingen.

Medicijngebruik en Speekselproductie

Verschillende medicijnen, waaronder antihypertensiva, digoxine, anti-aritmica en antidepressiva, kunnen de speekselklieren remmen in hun speekselafgifte. Hoewel de medicijnen de klieren zelf meestal niet aantasten, vermindert de speekselproductie. Speeksel is essentieel voor spreken, kauwen, slikken, het bevochtigen van het mondslijmvlies, het voorkomen van uitdroging, reiniging van tanden en kiezen, en het remmen van bacteriën en schimmels.

Onvoldoende speeksel leidt tot snellere tandplakvorming en gaatjes, vooral bij regelmatig suikerconsumptie. In een droge mond treden tandplak en gaatjes vooral op langs de tandvleesranden. Indien medicijngebruik de oorzaak is van een droge mond, is overleg met de huisarts of specialist over aanpassing van medicijnen, dosering of toedieningstijdstip aan te raden. Het stimuleren van speekselproductie kan door voedsel te geven waarop goed gekauwd moet worden, zoals stevige boterhammen of wortels, of licht zuur voedsel zoals fruit. Het is belangrijk de tandarts of mondhygiënist te informeren over medicijngebruik, zodat extra aandacht kan worden besteed aan mondhygiëne om tandvleesgroei te voorkomen.

Rood, gezwollen en bloedend tandvlees duidt op ontsteking, die niet vanzelf overgaat. Goede mondhygiëne is cruciaal. Het beperken van suikerbevattend voedsel kan de speekselproductie stimuleren. Het is belangrijk de mond van uw kind of cliënt zoveel mogelijk gesloten te houden.

Letsel en Afwijkende Gewoonten

Kinderen en volwassenen met epilepsie lopen risico op tandletsel bij een val. Ook mensen die slecht ter been zijn, lopen instabieler en hebben meer kans op tandletsel. Automutilatie kan ook leiden tot tandbeschadiging. Bij een afgebroken, losstaande of uit de mond gevallen tand is direct contact met de tandarts noodzakelijk.

Duimen in een mond met een blijvend gebit, of sabbelen aan doeken, spenen en vingers, kan leiden tot een afwijkende tandstand. Mensen met een verstandelijke beperking zuigen vaak extreem, wat de tandstand verandert en mondhygiëne bemoeilijkt. Het afleren van deze gewoonten en het stimuleren van positief gedrag is belangrijk.

Mensen met het syndroom van Down hebben vaak slappe mond- en tongspieren, wat slikken, eten, drinken en spreken bemoeilijkt. Hierdoor werkt de zelfreinigende functie van de mond minder goed, met meer tandplak tot gevolg. Mondademen, wat bij hen vaker voorkomt, leidt tot een droge mond en beperkte beschermende werking van speeksel. Door verminderde weerstand lopen zij eerder ernstige (tandvlees)ontstekingen op. De wortels van tanden en kiezen bij mensen met Down zijn bovendien vaak kort.

Het bevorderen van goede mondgewoonten, zoals het correct plaatsen van de tong (achter de voortanden), kan vanaf jonge leeftijd worden aangeleerd, bij voorkeur met borstvoeding. Een logopedist kan hierbij ondersteunen. Het bevorderen van neusademhaling is ook essentieel.

Tijdelijk Scheve Tanden in het Kindergebit

De tanden van het blijvend gebit kunnen enigszins scheef doorbreken, vooral wanneer veel tanden tegelijk doorkomen. Dit lijkt soms alsof er ‘teveel’ tanden in een kleine mond zitten, maar is vaak tijdelijk omdat de kaak nog groeit en meer ruimte creëert.

Peuters die op hun duim, speen of vinger zuigen, of hun tong bij het slikken tegen het gehemelte persen en tussen de tanden drukken, kunnen hierdoor een afwijkende tandstand ontwikkelen. Het is raadzaam deze gewoonten af te leren vóór het doorbreken van de blijvende voortanden. Afleiding, beloning of het aanbieden van alternatieven kan helpen. Bij aanhoudende problemen kan advies van een tandarts of mondhygiënist worden ingewonnen.

Wave 2D Animation

Scheefstand van Tanden: Oorzaken en Symptomen

Scheefstand van tanden, ook wel malocclusie genoemd, treedt op wanneer tanden in de boven- en/of onderkaak niet correct op elkaar aansluiten. Dit kan variëren van licht gedraaide tanden tot ernstige overlappingen. Scheefstand beïnvloedt niet alleen het uiterlijk van de glimlach, maar kan ook leiden tot functionele problemen zoals moeite met kauwen en spraakproblemen.

Oorzaken van Scheve Tanden

De oorzaken van scheefstand zijn divers en kunnen zowel genetisch als omgevingsgerelateerd zijn:

  • Erfelijkheid: Genetische factoren bepalen de grootte en vorm van de kaak en tanden. Een kleine kaak gecombineerd met grote tanden kan leiden tot overlappende of gedraaide tanden.
  • Gewoonten en Gedragingen: Langdurig duimzuigen, tongpersen, langdurig gebruik van een fopspeen of mondademen kunnen de positie van tanden beïnvloeden. Deze worden ook wel afwijkende myofunctionele gewoonten genoemd.
  • Gebrek aan Ruimte in de Kaak: Een te kleine kaak biedt onvoldoende ruimte voor alle tanden, wat resulteert in gedraaide of overlappende tanden. Vroegtijdig verlies van melktanden of vertraagde doorbraak van het permanente gebit kan dit verergeren.
  • Gebitsproblemen tijdens de Groei: Onregelmatigheden in tandgrootte of andere groei- en ontwikkelingsproblemen van het gebit kunnen bijdragen aan scheefstand.
  • Trauma: Een val of ongeluk, vooral bij jonge kinderen met een fragiel gebit, kan leiden tot verschuiving of beschadiging van tanden.

Scheve Tanden Herkennen: Zichtbare en Onzichtbare Symptomen

Scheefstand is niet altijd direct zichtbaar. Belangrijk zijn zowel de zichtbare als de onzichtbare symptomen:

  • Zichtbare Scheefstand: Licht gedraaide tanden, overlappingen of open ruimtes tussen tanden.
  • Problemen met Kauwen of Bijten: Ongemak of pijn tijdens het eten, en mogelijke slijtage van tandoppervlakken door een verkeerde beet.
  • Tandvleesproblemen: Ontstoken of terugtrekkend tandvlees door moeilijk te reinigen gebieden waar tandplak zich ophoopt.
  • Gevoeligheid van de Tanden: Gevoeligheid voor temperatuurveranderingen en bepaalde voedingsmiddelen door blootgestelde worteloppervlakken.
  • Slechte Adem: Chronisch slechte adem door ophoping van voedselresten en bacteriën in moeilijk bereikbare gebieden.

Bij Tandartspraktijk Laan op Zuid wordt de persoonlijke situatie van de patiënt beoordeeld om een passende oplossing te vinden. Er wordt zorgvuldig gekeken naar de oorzaak van de scheefstand en de bijbehorende klachten.

Behandelopties voor Scheefstand van Tanden

Scheefstand van tanden kan effectief worden gecorrigeerd met diverse behandelingen:

Orthodontische Behandelingen

Dit zijn de meest gebruikelijke methoden, zoals traditionele metalen braces of onzichtbare aligners (bijv. Invisalign). Een beugel oefent lichte, continue druk uit op de tanden om ze geleidelijk in de juiste positie te brengen.

Facings

Facings (dunne schildjes van composiet of porselein) kunnen de esthetiek verbeteren en kleine scheefstanden corrigeren. Ze bieden snel resultaat en zijn minder ingrijpend dan beugels, maar zijn niet geschikt voor ernstige gevallen en kunnen kostbaar zijn.

Kronen

Kronen zijn een duurzame oplossing voor het corrigeren van scheefstanden, maar vereisen het verwijderen van een deel van het natuurlijke tandmateriaal. Dankzij moderne technologieën zoals CEREC kunnen kronen soms al binnen één dag worden geplaatst.

De kosten voor de correctie van scheve tanden variëren sterk, afhankelijk van de gekozen behandeling en de ernst van de scheefstand. Veel zorgverzekeraars bieden vergoedingen voor orthodontische behandelingen, vooral voor kinderen en jongeren. Het is raadzaam de verzekeringspolis te controleren voor specifieke dekkingen.

De Invloed van Ademhaling en Tongpositie

De ware oorzaken van scheve tanden en onjuiste kaakontwikkeling worden vaak toegeschreven aan mondademen, tongpersen, infantiel slikken en duimzuigen (afwijkende myofunctionele gewoonten). Allergieën, astma en openmondgedrag dragen hier vaak aan bij.

Wanneer de tong en lippen niet goed functioneren, kunnen scheve tanden en onderontwikkelde kaken ontstaan. Een correcte functie en kaakvorm zorgen voor voldoende ruimte in de mond. De groei van het gezicht, inclusief de kaken, wordt beïnvloed door de gezichtsspieren. Goed functionerende spieren zorgen ervoor dat de tong in de juiste positie rust (in het gehemelte), waardoor de mond grotendeels gesloten blijft. Dit faciliteert de optimale genetische ontwikkeling met voldoende ruimte voor tanden en kiezen.

Bij mondademhaling rust de tong niet in de juiste positie, waardoor de mond open blijft staan. Dit beperkt de voorwaartse groei van de kaak- en gezichtsspieren, waardoor deze naar achteren en beneden worden gedrukt. Dit resulteert in smalle kaken en een onderontwikkeld gezicht, met gebrek aan kaakruimte tot gevolg, wat leidt tot scheefstand van tanden.

De tong, een krachtige spier, bepaalt de vorm en afmeting van de bovenkaak. Een lage tongligging (bij mondademhaling) creëert onvoldoende ruimte voor de boventanden en duwt de onderkaak naar achteren en omlaag. Een normale bovenkaak groeit correct wanneer de tong in het verhemelte rust. Een afwijkende tongpositie kan leiden tot een te smalle bovenkaak, waardoor tanden en kiezen niet voldoende ruimte hebben om in een rechte rij te groeien.

Onjuist slikken (infantiel slikken), waarbij de tong naar voren en de lippen naar achteren worden geduwd, duwt de voortanden naar achteren en creëert ruimtegebrek. Kinderen slikken tweemaal per minuut; bij een infantiel slikpatroon duwen de gezichtsspieren de tanden tegen de groeirichting in naar achteren, wat de gezichtsontwikkeling belemmert.

De kracht van de lippen en wangen is eveneens van invloed op de positionering van tanden en kaken. Zwakke spierspanning of onjuiste controle kan leiden tot een open mond en overactiviteit bij het slikken. Verkeerde lipgewoonten kunnen scheefstand van de ondertanden veroorzaken en de voorwaartse kaakgroei beperken.

Schematische weergave van de invloed van tongpositie op kaak- en tandontwikkeling.

Fopspeengebruik en Gebitsontwikkeling

Langdurig gebruik van fopspenen, met name na de leeftijd van drie jaar, kan leiden tot problemen met de uitlijning van zowel melk- als blijvende tanden en kaken. Er is geen wetenschappelijk bewijs dat één type fopspeen beter is dan een ander wat betreft de stand van de tanden; verschillende fopspenen hebben wel een verschillend effect.

Bij het gebruik van een fopspeen wordt de tong in de mondbodem gedrukt, wat de normale ontwikkeling van de kaak belemmert. De tong hoort met de punt achter de voortanden te liggen en de rest tegen het gehemelte. Een speen verhindert dit, waardoor de bovenkaak smal kan blijven. Dit resulteert in ruimtegebrek voor tanden en kiezen.

Kinderen die langdurig spenen, ontwikkelen vaak zwakke mondspieren, wat kan leiden tot een open mond en mondademen. Dit is niet alleen schadelijk voor de kaakontwikkeling, maar verhoogt ook het risico op hart- en vaatziekten en snurkproblemen op latere leeftijd. Bovendien kan mondademen het risico op gaatjes vergroten, omdat de zelfreinigende werking van de tong en de regulerende functie van speeksel verminderen.

Kinderen die na hun eerste levensjaar blijven drinken uit een fles in plaats van een beker, of een speen blijven gebruiken, kunnen ‘infantiel slikken’. Dit kan leiden tot lispelen, waarbij de tong tijdens het praten tussen de tanden komt.

Het wordt geadviseerd de fopspeen voor de eerste verjaardag weg te doen, omdat het daarna moeilijker wordt deze af te leren. Indien het kind na het stoppen met de speen normaal leert praten, slikken en ademen, kan de kaakgroei en het gebit herstellen. Als de tong echter tussen de tanden blijft tijdens het slikken, herstelt dit niet vanzelf. Een beugel kan dan nodig zijn, maar zonder het afleren van de tonggewoonte, kunnen tanden weer scheef gaan staan. Logopedie kan helpen bij het aanleren van correct tonggebruik, maar logopedisten hebben vaak lange wachtlijsten.

Het zuigen op een duim of fopspeen speelt in op de zuigbehoefte van zuigelingen, wat hen rust geeft door de afscheiding van endorfines. Beide hebben echter orthodontische gevolgen. Door de spleet die het zuigen veroorzaakt, blijft de tong tussen de tandbogen of in een lage positie, wat de ontwikkeling van het gehemelte en de uitlijning van blijvende tanden belemmert.

Hoewel de duim de kaakboog soms minder ingrijpend verandert dan een fopspeen, is het afleren van duimzuigen vaak moeilijker. De fopspeen daarentegen, creëert een vervorming van de kaakbeenderen en een afwijking van de onderkaak. Het voordeel van de fopspeen is dat kinderen er gemakkelijker afstand van doen, met name vanaf schoolleeftijd.

De misvormingen veroorzaakt door fopspeen- of duimzuigen zijn niet onomkeerbaar. Als een kind stopt met zuigen voordat alle melktanden zijn doorgegroeid, kan het bot dankzij de plasticiteit van het bot herstellen zonder blijvende gevolgen. Na de leeftijd van 2 jaar neemt de kans op noodzakelijke orthodontische behandeling toe bij continu zuigen.

Scheve Tanden en Mondgezondheid

Scheve tanden zijn niet ongebruikelijk en kunnen leiden tot diverse mondgezondheidsproblemen. Een onjuiste beet (malocclusie) verstoort de normale kauwfunctie en kan pijn veroorzaken. Scheve tanden zijn moeilijker schoon te houden, waardoor tandplak en etensresten zich ophopen in krappe, moeilijk bereikbare ruimtes. Dit vergroot de kans op tandvleesaandoeningen zoals gingivitis en parodontitis.

Daarnaast kunnen scheve tanden extra druk uitoefenen op andere delen van het gebit, wat leidt tot overmatige slijtage en een verhoogd risico op gaatjes. Naast functionele problemen kan scheefstand ook leiden tot een negatief zelfbeeld en onzekerheid bij lachen, praten of glimlachen.

Mogelijke Vergoedingen en Behandeling

De kosten voor het rechtzetten van scheve tanden variëren per behandeling en per individu. Tandartspraktijken bieden een schatting van de kosten na een persoonlijk behandelplan. Veel zorgverzekeraars vergoeden orthodontische behandelingen, met name voor kinderen en jongeren. Het is raadzaam de polis te controleren voor specifieke vergoedingen.

Bij Tandartspraktijk Laan op Zuid wordt de tijd genomen om patiënten gerust te stellen en een passende behandeling te bieden. Voorafgaand aan de behandeling wordt een duidelijke kostenindicatie verstrekt.

Preventie en Goede Mondhygiëne

Preventieve mondzorg is cruciaal om de kans op gebitsproblemen te verkleinen. Het advies luidt:

  • Poets de tanden minimaal tweemaal per dag met een fluoridehoudende tandpasta, inclusief het tandvlees.
  • Eet en drink zo min mogelijk suikerrijke voeding en beperk het aantal eetmomenten tot zes per dag.
  • Bezoek regelmatig de tandarts voor controle.

Bij het opmerken van scheefstand is het belangrijk tijdig advies in te winnen bij een tandarts of orthodontist. Vroege interventie, vooral bij kinderen, kan de noodzaak voor ingrijpendere behandelingen op latere leeftijd verminderen.

Infographic met preventieve mondhygiëne tips voor kinderen.

tags: #lelijke #tanden #door #speen