De placenta, ook wel bekend als de moederkoek, is een essentieel orgaan dat zich tijdens de zwangerschap in de baarmoeder ontwikkelt. Het speelt een cruciale rol bij het voorzien van de groeiende baby van zuurstof en voedingsstoffen uit de bloedbaan van de moeder. Normaal gesproken nestelt de placenta zich hoog in de baarmoederwand. Echter, in sommige gevallen kan de placenta te laag in de baarmoeder komen te liggen, wat kan leiden tot complicaties. Dit fenomeen staat bekend als placenta praevia, wat letterlijk "voorliggende placenta" betekent.
Wat is Placenta Praevia?
Placenta praevia treedt op wanneer de placenta zich laag in de baarmoeder nestelt en de inwendige opening van de baarmoederhals, het ostium internum, gedeeltelijk of volledig bedekt. Deze opening vormt de overgang van de baarmoederholte naar de baarmoederhals. Wanneer de placenta deze opening blokkeert, kan dit problemen veroorzaken tijdens de zwangerschap en de bevalling.
Vormen van Placenta Praevia
Placenta praevia wordt onderverdeeld in verschillende varianten, afhankelijk van de mate waarin de baarmoederhals wordt bedekt:
- Placenta praevia totalis: De placenta ligt geheel over het ostium internum heen.
- Placenta praevia partialis: De placenta bedekt het ostium internum gedeeltelijk.
- Placenta praevia marginalis: De placenta ligt minder dan 2 centimeter van het ostium internum af, maar bedekt deze niet.
- Laagliggende placenta: De placenta ligt laag in de baarmoeder, maar meer dan 2 centimeter van het ostium internum af.

Hoe Vaak Komt Placenta Praevia Voor?
Het is normaal dat de placenta in de vroege stadia van de zwangerschap laag ligt. Onder de 20 weken zwangerschap ligt de placenta bij ongeveer 5% van de vrouwen dichtbij het ostium internum. Naarmate de zwangerschap vordert en de baarmoeder groeit, wordt de placenta meestal "omhoog getrokken" naar een hogere positie. Na de 20e week neemt het percentage vrouwen met een laagliggende of voorliggende placenta af tot ongeveer 1%. Rond de uitgerekende datum is dit nog maar 0,3% tot 0,9% van de zwangerschappen.
Oorzaken en Risicofactoren
De precieze oorzaak van placenta praevia is niet altijd bekend. Wel zijn er een aantal risicofactoren die de kans op het ontwikkelen van deze aandoening kunnen vergroten:
- Eerdere keizersneden (hoe meer, hoe hoger het risico)
- Zwangerschap met behulp van vruchtbaarheidsbehandelingen
- Eerdere operaties aan de baarmoeder
- Roken
- Cocaïnegebruik
- Meerdere kinderen gekregen
- Meerlingzwangerschap
- Toenemende leeftijd van de moeder
Ook kan een placenta-insufficiëntie, waarbij de placenta niet goed functioneert, leiden tot een slechte doorbloeding en onvoldoende aanvoer van zuurstof en voedingsstoffen naar de baby. Dit kan de groei van de baby belemmeren en leiden tot een laag geboortegewicht of aangeboren afwijkingen.
Symptomen van Placenta Praevia
Het meest kenmerkende symptoom van placenta praevia is vaginaal bloedverlies tijdens de zwangerschap. Dit bloedverlies is meestal pijnloos en kan variëren van enkele druppels tot hevig bloedverlies met stolsels. De kans op onverwachts hevig bloedverlies neemt toe na 32 weken zwangerschap, doordat het onderste deel van de baarmoeder meer uitrekt.
Soms kan het bloedverlies gepaard gaan met:
- Harde buiken
- Buikpijn
- Weeën-achtige pijn
Een ander mogelijk symptoom is dat het hoofdje van de baby niet indaalt in het bekken tegen het einde van de zwangerschap, omdat de placenta de uitgang blokkeert.
Placenta-insufficiëntie zelf is vaak lastig te identificeren en geeft weinig tot geen duidelijke symptomen. Soms kan de omvang van de baarmoeder kleiner zijn dan verwacht, of kan de foetus minder actief zijn. Regelmatige prenatale controles zijn daarom van groot belang.

Diagnose
De diagnose placenta praevia wordt gesteld met behulp van echo-onderzoek. Tijdens de standaard 20-wekenecho wordt de ligging van de placenta beoordeeld. Omdat een vaginale echo een gedetailleerder beeld geeft van het gebied rondom het ostium internum, wordt deze methode vaak gebruikt bij het vermoeden van een laagliggende placenta.
Als bij de 20-wekenecho een laagliggende placenta wordt geconstateerd, zal rond 32 weken zwangerschap opnieuw een echo worden gemaakt om te controleren of de placenta is "opgetrokken". Indien de placenta bij 32 weken nog steeds laag ligt of een placenta praevia aanwezig is, wordt de zwangere doorverwezen naar een gynaecoloog voor verdere begeleiding.
Risico's voor Moeder en Kind
Een placenta praevia brengt verhoogde risico's met zich mee:
- Overmatig bloedverlies: Dit kan leiden tot shock bij de moeder en zuurstoftekort bij de baby.
- Vroeggeboorte: Het risico op een vroegtijdige bevalling is verhoogd.
- Placenta-insufficiëntie: Kan leiden tot onvoldoende groei van de baby en zuurstoftekort.
- Vasa praevia: Een zeldzame complicatie waarbij bloedvaten uit de navelstreng of placenta voor de baarmoedermond liggen, wat gevaarlijk kan zijn tijdens een vaginale bevalling.
Bij een laagliggende placenta kan het zijn dat de baby niet kan indalen in het bekken, wat de bevalling kan bemoeilijken.
Behandeling en Bevalling
De behandeling van placenta praevia hangt af van de aanwezigheid en ernst van bloedverlies, en de zwangerschapsduur.
Behandeling bij (nog) geen bloedverlies
Als er geen bloedverlies is, kan afgewacht worden. Wel worden de bloedgroep en eventuele irregulaire antistoffen bepaald voor het geval een bloeding optreedt en een bloedtransfusie nodig is. De patiënt krijgt duidelijke belinstructies en leefregels mee, waaronder rust en het vermijden van seksueel contact. Rond 36 weken wordt een controle-echo gemaakt.
Behandeling bij bloedverlies
Bij bloedverlies wordt de patiënt opgenomen in het ziekenhuis voor bloedonderzoek en monitoring van de baby (CTG). Zolang er bloedverlies is, wordt bedrust geadviseerd. Bij hevig bloedverlies kan vocht en eventueel bloed via een infuus worden toegediend. Als het bloedverlies stopt, kan de patiënt mogelijk naar huis, afhankelijk van de zwangerschapsduur. De gynaecoloog kan besluiten de bevalling in te leiden of een keizersnede te plannen als dit veiliger is voor de baby.
Bevallen met een Placenta Praevia
Wanneer een placenta praevia is vastgesteld na 30 weken zwangerschap, neemt de gynaecoloog de begeleiding over en vindt de bevalling plaats in het ziekenhuis.
- Keizersnede: Als de placenta het ostium internum geheel of gedeeltelijk bedekt, is een keizersnede noodzakelijk. Dit wordt meestal gepland rond 37 weken zwangerschap om het risico op een spoedkeizersnede te voorkomen. Steeds meer ziekenhuizen bieden een "gentle sectio" aan, waarbij de vaginale bevalling zo veel mogelijk wordt nagebootst.
- Vaginale bevalling: Als de placenta meer dan 2 centimeter van de ingang afligt, is een vaginale bevalling vaak mogelijk zonder overmatig bloedverlies. Als de placenta minder dan 2 centimeter van de ingang ligt maar deze niet raakt, maakt de gynaecoloog een inschatting. In de meeste gevallen wordt dan gekozen voor een vaginale bevalling, tenzij het risico op ernstig bloedverlies of een keizersnede tijdens de bevalling groot wordt geacht.
Placenta-bevalling (3D-animatie)
Leefregels en Preventie
Om complicaties bij een placenta praevia zoveel mogelijk te voorkomen, worden specifieke leefregels geadviseerd:
- Stoppen met werken.
- Geen zwaar huishoudelijk werk of tillen.
- Vermijden van lange afstanden lopen of fietsen.
- Geen seksuele gemeenschap hebben.
- Voorbereidingen treffen voor een spoedtransport naar het ziekenhuis.
- Een noodtas inpakken met benodigdheden.
Het vermijden van drugsmisbruik, roken en alcoholgebruik is tevens van belang voor een gezonde zwangerschap.
tags: #laagliggende #placenta #34 #weken