De eerste weken van de zwangerschap worden vaak gezien als een cadeautje, omdat de zwangerschap zelf nog niet heeft plaatsgevonden. Echter, deze weken tellen mee voor een nauwkeurige berekening van de uitgerekende datum. Door negen maanden plus zeven dagen bij de startdatum op te tellen, kan een schatting van de bevallingsdatum worden gemaakt. Het is echter belangrijk te onthouden dat dit slechts een schatting is en de baby niet exact op die dag geboren hoeft te worden.
Het Begin: Van Eicel tot Eerste Cel
Ongeveer halverwege de maandelijkse cyclus vindt de ovulatie plaats, waarbij een rijpe eicel zich losmaakt uit de eierstokken. Vanaf dit moment tot enkele uren later is bevruchting mogelijk. De eicel is slechts ongeveer zesendertig uur levensvatbaar, terwijl zaadcellen tot ongeveer tweeënzeventig uur kunnen overleven. Dit betekent dat als er een of twee dagen voor de eisprong geslachtsgemeenschap heeft plaatsgevonden, er nog steeds levende zaadcellen aanwezig kunnen zijn om de eicel te bevruchten.
Bij elke zaadlozing komen miljoenen zaadcellen vrij, maar slechts een paar honderd bereiken uiteindelijk hun doel. Slechts één zaadcel krijgt de kans om de eicel binnen te dringen. Wanneer de zaadcel en de eicel samensmelten, ontstaat de eerste cel van het kind, de zygote. Deze cel begint zich vervolgens onmiddellijk te delen: eerst in twee, dan in vier, acht, en zo verder.

De Vroege Embryonale Ontwikkeling
Na ongeveer een week nestelt het bevruchte eitje zich in de baarmoederwand. Op dit moment is het al een klompje van zestien cellen. Dit prille leven, dat nog met het blote oog nauwelijks zichtbaar zou zijn, groeit razendsnel en vermenigvuldigt zich tot duizenden cellen. Binnen dit klompje cellen worden taken verdeeld.
De cellen die de baby zullen vormen, bevinden zich aan één kant en vormen de embryonale knoop. De omringende cellen ontwikkelen zich tot de placenta, die de baby negen maanden lang van voedsel zal voorzien, en de vliezen.
Na enkele dagen nestelt dit trosje cellen zich in de baarmoeder. Het klompje cellen, dat de toekomstige baby vormt, heeft nu ongeveer de grootte van een korrel rijst en begint al een rudimentaire vorm aan te nemen, met herkenbare kenmerken als een hoofdje en een staartje.
Van Embryo naar Foetus: Vorming van Lichaamsdelen en Organen
De ontwikkeling van het kind is een fascinerend proces. Lichaamsdelen die we in tweevoud hebben, zoals armen, ogen en longen, ontstaan tegelijkertijd uit verschillende groepen cellen. Er is een specifieke groep cellen verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het linkeroor, terwijl een andere groep een identiek oor voor de rechterkant ontwikkelt.
Vanaf dit punt wordt het vruchtje een embryo genoemd en begint het meer op een garnaaltje te lijken. Er ontwikkelt zich een duidelijk hoofdje en nekje, en de ogen staan nog ver uit elkaar, bijna aan de zijkant van het hoofd. In het midden van het gezicht verschijnt de neus. Op de echo is de ruggengraat vaag zichtbaar. De bloedsomloop is aanwezig en de ontwikkeling van organen zoals de lever en nieren, evenals het maag-darmsysteem, is begonnen. Het hartje begint te kloppen, wat een belangrijke mijlpaal is.

De baby groeit nu ongeveer 1 millimeter per dag en is zo groot als de nagel van de pink. De ontwikkeling van de armpjes gaat razendsnel; wat eerst knobbeltjes waren, worden nu duidelijke boven- en onderarmen. Binnen enkele dagen vormt zich aan het einde van de onderarm een schijf waaruit de vijf vingertjes zich ontwikkelen. De beentjes ontwikkelen zich iets later. Het hoofdje is, in verhouding tot de rest van het lichaam, nog erg groot, een kenmerk dat nog enige tijd zal aanhouden.
Deze week ontstaat het begin van het volledige skelet. Het hartje klopt zo'n 140 keer per minuut, de hersenen beginnen te functioneren en signalen uit te zenden, de maag produceert verteringssappen en de lever maakt bloedcellen aan. De baby groeit supersnel en ontwikkelt belangrijke eigenschappen, wat hem ook erg kwetsbaar maakt.
Vanaf dit stadium spreken deskundigen niet meer van een embryo, maar van een foetus. Het kind kan nu met de handjes (ter grootte van een erwt) wriemelen en heeft een herkenbaar menselijk gezichtje met mondje en tong. De armen zijn verder gegroeid met handen en vingertjes, en de benen ontwikkelen knieën, enkels en tenen. De foetus kan zich al bewegen, is compleet gevormd en zal vanaf nu alleen nog maar groeien, hoewel de organen nog moeten rijpen.
Zwangerschap: een maand-per-maand gids | 3D-animatie
Verdere Ontwikkeling en Kenmerken van de Foetus
De foetus ontwikkelt een boven- en onderkaak met knobbeltjes die later melktanden worden. Op het hoofdje groeit het eerste haar. De foetus meet nu zo'n viereneenhalve centimeter en maakt een ware groeispurt door, waarbij het gewicht in één week tijd verdubbelt. Deze snelle groei houdt aan tot ongeveer de zestiende week.
De geslachtsorganen worden gevormd: de eierstokken of zaadballen. De baby kan op de duim zuigen, met de handjes grijpen, de navelstreng vastpakken, zich uitrekken en gapen. De oogleden, die kort geleden zijn ontstaan, bedekken het hele oog en blijven tot de zevende maand aan elkaar geplakt. De oogjes krijgen hun definitieve vorm met op de juiste plaats het oogwit, de iris en de pupil.
In deze fase wordt alle energie gestoken in groei, wat resulteert in een langzame groei van een klein buikje bij de moeder. Gewichtstoename bij de moeder zegt niets over de groei van de baby. De verloskundige controleert de groei van de baby door middel van het aftasten van de hoogte van de baarmoeder.
De foetus is zeer beweeglijk, al kan dit nog niet door de moeder gevoeld worden. Hij trappelt met de beentjes, zwaait met de handjes, balt ze tot vuistjes en kan gekke gezichten trekken. Hij zwemt rond in het vruchtwater en kan af en toe tegen de baarmoeder schoppen. De mond kan geopend en gesloten worden, en de baby kan slikken en kleine slokjes vruchtwater drinken.
Het hoofdje is nu zo groot als een knikker, de vuistjes als een erwt. De totale lengte is ongeveer elf centimeter. De eerste donshaartjes verschijnen over het hele lichaam, samen met een snorretje en haren op het voorhoofd, de buik en de handjes. De vingers en teentjes hebben piepkleine nageltjes gekregen. Wenkbrauwen en wimpertjes verschijnen op het gezichtje, en de stembanden zijn klaar voor gebruik zodra er lucht bij komt.

De foetus kan licht en donker onderscheiden door de oogleden, het vruchtwater en de baarmoederwand heen. Het vruchtwater biedt uitstekende bescherming bij stoten of vallen. De baby ontwikkelt nu ook de vingerafdrukken die hij zijn leven lang zal behouden.
Bewegingen en Verdere Ontwikkeling
Sommige moeders voelen nu voor het eerst beweging, een klein ‘plopje’ in de buik, hoewel dit ook pas later, rond de 24e week, kan gebeuren. De donshaartjes vallen langzaam uit en maken plaats voor grovere haren, vooral op het hoofdje. De baarmoeder reikt nu tot net onder de navel.
De baby bevindt zich bijna op de helft van zijn uiteindelijke lengte en maakt salto’s en andere capriolen. Moeders die voor de tweede keer zwanger zijn, kunnen de baby al eerder voelen, soms al bij veertien weken. De bewegingen kunnen worden omschreven als een ‘vlindertje’ in de buik, wat in het begin verward kan worden met darmgerommel.
De baarmoeder reikt tot boven de navel. De bewegingen van de baby worden duidelijker: stompen, woelen en schoppen. De navelstreng is soepel en voorkomt verstrikt raken. De frequentie van de bewegingen varieert; minder beweging betekent niet direct iets verontrustends. Het kan zijn dat de baby rust, dat de moeder te druk is om het op te merken, of dat de bewegingen zo gewoon zijn geworden dat ze niet meer worden herkend.
Zwangerschap: een maand-per-maand gids | 3D-animatie
De Laatste Loodjes van de Zwangerschap en Ontwikkeling
De oogjes gaan open, hoewel het nog onbekend is of de baby meer kan zien dan licht en donker. De hartslag van de baby is nu zo sterk dat de partner het hartje thuis kan horen kloppen met behulp van een wc-rolletje.
Wanneer de moeder haar hand op de buik legt, reageert de baby daar soms op. Door zich te ontspannen en rustig adem te halen, kan de baby naar de hand toekomen. Door de hand te verschuiven, kan er mee gespeeld worden. Als de baby nu geboren zou worden, heeft hij onder deskundige begeleiding een goede kans om te overleven, hoewel hij nog lang niet volledig ontwikkeld is.
De smaakpapillen en het spijsverteringskanaal zijn volledig ontwikkeld. De baby slikt vruchtwater en kan het proeven. De geur- en smaakstoffen in het vruchtwater spelen een rol in de verdere ontwikkeling.
Monitoring van de Groei: De Rol van Echo's
Al vroeg in de zwangerschap worden echo's gemaakt, vooral bij zwangerschappen die via medische weg tot stand zijn gekomen. Tijdens elke echo wordt het embryo zorgvuldig gemeten. Vroeger werd aangenomen dat alle embryo's gelijk groeien, maar tegenwoordig weten we dat er individuele verschillen zijn.
De grootte van een embryo wordt gemeten om de groei vast te stellen en te controleren of deze voldoende vordert. De grootte kan ook iets zeggen over het verloop van de zwangerschap, de geboorte en het latere leven van het kind.
Gemiddeld of Groot Embryo
Grotere embryo's worden vaker gezien bij stellen met een vis- en energierijk dieet, voldoende foliumzuur en vitamine B12. Grotere embryo's blijken ook iets vaker jongetjes te zijn.
Klein Embryo
Kleinere embryo's worden vaker waargenomen bij stellen met een westers dieet. Tekorten aan foliumzuur, fruit, groente en vitamine B12 kunnen de groei belemmeren. Alcohol, roken en een hoge bloeddruk werken de groei van een embryo tegen.
Een kleiner gemeten embryo kan wijzen op een verhoogd risico op een risicovolle zwangerschap of pre-eclampsie. Deze kinderen hebben ook een licht verhoogd risico op een abnormaal aantal chromosomen, een laag geboortegewicht of vroeggeboorte. Onderzoek toont aan dat deze kinderen later een hogere aanleg kunnen hebben voor een hoog cholesterol, een verhoogd vetpercentage of een hogere bloeddruk.
Een kleiner embryo is echter geen reden tot paniek. Een gezonde zwangerschap met een in het begin kleiner embryo resulteert waarschijnlijk in een gezond kind. De verloskundige praktijk of het ziekenhuis biedt de nodige begeleiding.
Factoren die de Ontwikkeling Beïnvloeden
Factoren zoals gezonde voeding en het slikken van de juiste voedingssupplementen vóór de zwangerschap spelen een rol bij de ontwikkeling van een gezond embryo.

Meerlinggeboorten en Ontwikkeling
Het aantal meerlinggeboorten is in Nederland aanzienlijk gestegen, voornamelijk door kunstmatige voortplantingstechnieken. Ongeveer tweederde van de spontane tweelingzwangerschappen is dizygoot (twee-eiig), en eenderde is monozygoot (eeneiig). Dizygote zwangerschappen zijn dichoriaal-diamniotisch met twee placentae en twee vruchtholten.
De Embryonale Fase: Een Periode van Intense Ontwikkeling
De embryonale fase is een periode van enorme ontwikkeling. Het embryo, dat in het begin lijkt op een kikkervisje, begint als drie lagen:
- De binnenste laag groeit uit tot onder andere de lever en de longen.
- De middelste laag wordt het hart, de botten, spieren, nieren en geslachtsorganen.
- Uit de buitenste laag worden het haar, de huid, ogen en het zenuwstelsel gevormd.
Bloedsomloop en Brein
Op 3 weken oud (5 weken zwangerschap) heeft het embryo een rudimentair hoofd, een rug en een staartje. De beginselen van de hersenen, het ruggenmerg, het hartje en de bloedsomloop worden gelegd. Het slikken van foliumzuur vóór de zwangerschap is cruciaal voor de ontwikkeling van de hersenen en het ruggenmerg.
Een week later begint het hartje echt te kloppen, waardoor voedingsstoffen en zuurstof kunnen worden rondgepompt voor snelle groei. Het embryo bestaat dan al uit 125.000 cellen.
Gezicht en Ledematen
In de weken daarna ontstaan knopjes waaruit de armen en beentjes groeien. Het embryo gaat steeds meer op een mensje lijken. De ogen, oren, neus, kaak en wangen krijgen langzaam vorm.
Zwemvliezen en Kloppend Hartje
Op 7 weken oud heeft het embryo armen en benen met kleine vingertjes en teentjes, gescheiden door zwemvliezen die later verdwijnen. Het embryo groeit met ongeveer een millimeter per dag. Na 9 weken (11 weken zwangerschap) zijn de organen grotendeels af. Het hart heeft vier kamers en klopt met ongeveer 150 slagen per minuut, en het hartje kan door de verloskundige gehoord worden.