Na de bevalling staat u centraal op de kraamafdeling, waar vroedvrouwen u verzorgen en bijstaan. De vroedvrouw die u en uw baby op de afdeling verwelkomt, verzorgt vaak de eerste stappen en voorziet u van informatie over uw verblijf. Er wordt gepolst naar relevante aandachtspunten, zoals allergieën en thuismedicatie, en u krijgt uitleg over de werking van de afdeling. Een onthaalgesprek met de vroedvrouw verzamelt nuttige gegevens om uw verblijf zo aangenaam mogelijk te maken.
Op de kraamafdeling wordt u aangemoedigd om zoveel mogelijk zelf uw persoonlijke verzorging en de voeding en verzorging van uw baby op te nemen. Dit vergemakkelijkt de overgang naar huis.
Na een gewone bevalling
Na opname op de kraamafdeling is het belangrijk dat u kunt bijkomen van de bevalling. U wordt gewassen of kunt zelf een douche nemen, afhankelijk van uw toestand, mits uw bloedverlies onder controle blijft en u spontaan kunt plassen. Vraag hulp bij de eerste keer uit bed komen na de bevalling. De vroedvrouw geeft u uitleg over het te verwachten bloedverlies en de verzorging van uw perineum. Bij zwelling van het perineum kan de eerste 24 uur een coldpack worden aangebracht. U kunt het zelfspoeltoestel gebruiken gedurende uw hele verblijf. Een infuus wordt verwijderd zodra u goed hebt kunnen plassen, uw bloedverlies normaal is en uw baarmoeder goed is samengetrokken.

Na een keizersnede
Bij opname op de kraamafdeling wordt alles in het werk gesteld om u zoveel mogelijk comfort te bieden. Meld pijn altijd aan de vroedvrouw; indien nodig krijgt u extra pijnstilling. Op de dag van de operatie heeft u bedrust en krijgt u pijnstilling via een blaassonde en infuus. Bij aankomst op de kraamafdeling mag u een lichte maaltijd nuttigen, zoals bouillon of beschuitjes. U draagt steunkousen en ontvangt bloedverdunnende injecties ter preventie van trombose. De arts bespreekt met u hoe lang u deze thuis moet voortzetten, en de vroedvrouw leert u of uw partner hoe u deze zelf kunt toedienen. Het is belangrijk om uw benen, voeten en tenen te bewegen in bed om de bloedcirculatie te bevorderen. De dag na de keizersnede helpen we u de eerste keer uit bed; snelle mobilisatie is cruciaal voor uw genezingsproces. We helpen u opfrissen en, indien dit vlot verloopt, worden uw infuus en blaassonde verwijderd.

Verblijfsduur na bevalling
Als uw zwangerschap normaal verliep, de bevalling vlot ging en er geen complicaties optraden na de bevalling, mag u naar huis. Het aantal dagen in het ziekenhuis hangt af van het type bevalling en of het uw eerste kind is:
- Gewone bevalling:
- Eerste kind: 3 nachten
- Vanaf het tweede kind: 2 nachten
- Keizersnede: 4 nachten
De artsen en vroedvrouwen overleggen met u of een verlenging van de verblijfsduur nodig is. De eerste 3 dagen na de bevalling is medische opvolging verplicht.
Naar huis
Als uw zwangerschap normaal verliep, er geen problemen waren rond de bevalling of in de kraamtijd, en er geen medische bezwaren zijn voor uzelf of uw baby om naar huis te gaan, kunt u thuis verder herstellen in uw eigen omgeving.
Op de dag van uw ontslag worden uw parameters gemeten. Als alles goed gaat, ontvangt u uw ontslagpapieren van de gynaecoloog. Bij uw baby evalueren we de voeding, het gewicht en de kleur (in verband met geelzucht). Indien u op dag 2 na de bevalling naar huis gaat, is een bloedafname en een saturatiemeting bij de baby noodzakelijk. U verlaat het ziekenhuis bij voorkeur in de voormiddag, tenzij u nog op resultaten of onderzoeken moet wachten. De vroedvrouw maakt een brief (met eventueel de Guthrie-test) voor uw thuisbegeleidende vroedvrouw.

Voorbereiding op een thuisbevalling
Veel mama's kiezen voor een thuisbevalling om de intimiteit van het kind ter wereld brengen in hun eigen vertrouwde omgeving te beleven. Om dit zo ontspannen mogelijk te laten verlopen, is een goede voorbereiding essentieel. Een checklist voor de thuisbevalling helpt u bij het in huis halen van alle benodigdheden. Het is raadzaam om alle mogelijke scenario's, inclusief complicaties, met uw vroedvrouw te bespreken. Meestal mag u thuis bevallen op voorwaarde dat u in de buurt van een ziekenhuis woont.
In de weken voorafgaand aan de bevalling komt de vroedvrouw regelmatig langs om de voorbereidingen te controleren en geeft ze u een materiaallijst met benodigdheden.
De kraamkamer
De keuze van de kraamkamer is belangrijk. Ideaal is een kamer die:
- Bereikbaar is zonder steile of gedraaide trap, voor uw comfort.
- Een aangename temperatuur en goede verlichting heeft.
- Schoon en ruim genoeg is, met plaats voor bijvoorbeeld een tafeltje.
- In de buurt van stromend water is.
Zorg ervoor dat uw bed minimaal tachtig centimeter hoog is, gemeten vanaf de grond, om rugklachten bij de verloskundige en kraamverzorger te voorkomen. Speciale bedverhogers kunnen hiervoor worden aangeschaft.
Vergeet niet om uw bevallingstas klaar te maken, zodat u in geval van nood niets hoeft mee te nemen.
Wat na de bevalling?
Ook na de bevalling staat de vroedvrouw voor u klaar. Zij ziet toe op de netheid van de kraamkamer en bezoekt u dagelijks om te controleren hoe het met u en uw baby gaat. In Vlaanderen en de Nederlandstalige Brusselse diensten kunt u tevens een beroep doen op kraamhulp. Vergeet niet het startbedrag of kraamgeld aan te vragen; elk kind heeft recht op een financieel duwtje in de rug.
Alles over het Groeipakket in Vlaanderen. I Infino Vlaanderen
Zorgverleners bij thuiskomst
Na thuiskomst kunt u rekenen op diverse zorgverleners en instanties. Een overzicht van zorgverlening in de thuiszorg en contactgegevens zijn beschikbaar. U kunt de gezondheid van u en uw kindje waarborgen door contact op te nemen met de vroedvrouw of de kraamafdeling bij vragen of twijfels.
Uw baby
Geneesmiddelen voor uw baby
Voor de eerste 6 levensjaren van uw baby adviseren wij dagelijks 6 druppels D-Cure (400 IU vitamine D) oraal, vóór de voeding. Na de geboorte heeft uw baby een injectie met vitamine K gekregen, wat voldoende is. Geef de eerste weken geen medicatie zonder overleg met een zorgverlener.
Navelverzorging
Houd het naveltje van uw baby droog en schoon. Vouw de luier onder het navelstompje om het droog te houden en te voorkomen dat urine of ontlasting eraan komt. Het navelstompje zal vanzelf verschrompelen en na ongeveer 2 weken afvallen.
Veilig slapen
Lees tips en aandachtspunten om wiegendood te voorkomen.
Alarmsignalen bij de baby
Neem contact op met uw vroedvrouw, huisarts of kinderarts bij:
- Temperatuurproblemen (<36.5°C of > 38°C)
- Gewichtsproblemen
- Slecht drinken of moeizame borstvoeding
- Stoelgang- of urineproblemen (< 6 plasluiers op 24u vanaf dag 5)
- Geelzucht of andere abnormale kleur
- Slechte genezing van de navel
Moeder
Geneesmiddelen
Medicatie op voorschrift wordt voorgeschreven op uw ID-kaart.
Zelfzorg
Rust voldoende, ook thuis. Een zwangerschap en bevalling vragen veel energie. Laat u helpen door uw partner, familie of professionele organisaties zoals kraamzorg. Ouderschap kan uitdagend zijn; wees eerlijk met uzelf en elkaar.
Bloedverlies
Het hevigste bloedverlies treedt op in de eerste week en neemt daarna geleidelijk af. Bloedverlies kan nog 3 tot 6 weken aanhouden. Gebruik gedurende deze periode alleen maandverband (geen tampons, menstruatiecups, etc.).
Hygiëne
- Vaginale bevalling: Douche de eerste weken. Zodra het bloedverlies minimaal is, mag u weer in bad. Vermijd zwemmen gedurende de eerste 6 weken.
- Keizersnede: Douche gedurende 6 weken. Vermijd baden of zwemmen gedurende deze periode om infecties te voorkomen.
Aandachtspunten na een keizersnede
- Steunkousen: Draag steunkousen tot 10 dagen postpartum, ook 's nachts.
- Tilbeperking: De eerste 6 weken mag u niet meer dan 5 kg tillen. Daarna nog eens 6 weken niet meer dan 10 kg. Uw baby mag u altijd tillen en dragen.
- Wondzorg: De hechtingen worden op de 6e dag na de keizersnede verwijderd, wat de vroedvrouw thuis kan doen. Reinig de wond en de omliggende huid met een milde, ongeparfumeerde zeep. Dep de wond na het douchen voorzichtig droog.
- Rust: Zorg voor voldoende rust om uw lichaam te laten genezen.
- Pijnbestrijding: Neem de voorgeschreven pijnstillers zoals aangegeven door uw arts.

Anticonceptie
Bij borstvoeding
Ook bij borstvoeding is anticonceptie nodig. De gewone pil kan de melkproductie negatief beïnvloeden, daarom wordt een minipil (lage dosis, zonder oestrogeen) voorgeschreven. Neem dagelijks één pil zonder stopweek, steeds op hetzelfde tijdstip, vanaf 6 weken postpartum. Gebruik tussentijds een condoom. Als u stopt met borstvoeding, schakel dan over op een andere vorm van anticonceptie (ring, pil, spiraal). Een spiraal kan later geplaatst worden. Indien u de minipil niet wenst te gebruiken, gebruik dan een condoom.
Bij kunstvoeding
Als u geen borstvoeding geeft, kunt u uw gebruikelijke anticonceptie hervatten. Bij gebruik van de pil, begin met een minipil op dag 10 tot 6 weken postpartum, waarna u kunt overschakelen naar de reguliere pil.
Kinkhoestvaccinatie
Indien u voor of tijdens uw zwangerschap niet opnieuw gevaccineerd bent tegen kinkhoest, zal uw gynaecoloog u een vaccin voorschrijven. Voor de vaccinatie van uw partner wordt geadviseerd contact op te nemen met uw huisarts na thuiskomst. Dit beschermt uw baby optimaal. De huisarts heeft het beste overzicht van uw vaccinatiegeschiedenis en eventuele contra-indicaties.
Alarmsignalen bij de moeder
Neem direct contact op met uw vroedvrouw, huisarts of gynaecoloog bij:
- Plotseling hevig bloedverlies, al dan niet met stolsels
- Koorts
- Slecht ruikend bloedverlies
- Problemen met de hechtingen (roodheid, zwelling, pus, vieze geur)
- Tekenen van borstontsteking (koorts, grieperig gevoel, roodheid, pijnlijke borsten, koude rillingen)
- Tekenen van depressie (vermoeidheid, lusteloosheid, sombere gedachten, aanhoudend piekeren)
De eerste 10 dagen kunt u bij problemen terugkomen via het bevallingkwartier. Na deze periode kunt u bij koorts, hevig bloedverlies of slecht ruikend bloedverlies terecht bij de spoedeisende hulp.
Postnatale kinesitherapie
Tijdens zwangerschap en bevalling verzwakken de bekkenbodemspieren. Begin zes weken na de bevalling met kinesitherapie om deze spieren te trainen. U ontvangt hiervoor een attest. Meer informatie is te vinden op www.bicap.be.
Postpartumcontrole bij de huisarts
Wij raden aan om 6 tot 8 weken na de bevalling een controle-afspraak te maken bij uw huisarts, tenzij uw gynaecoloog anders beslist.

Aangifte van de geboorte
Elke geboorte moet binnen een bepaalde termijn worden aangegeven bij de dienst Burgerlijke Stand van de geboorteplaats van het kind, binnen de 15 kalenderdagen na de geboorte. Op het moment van de aangifte kunt u ook de voor- en familienaam van het kind kiezen en eventueel uw kind laten erkennen.
Post-partumdepressie
10-20% van de vrouwen ervaart na de bevalling een post-partumdepressie. De signalen manifesteren zich meestal binnen 6 weken na de geboorte, maar kunnen tot een jaar later optreden. Ook partners kunnen een post-partumdepressie ontwikkelen. Bij signalen is het raadzaam zo snel mogelijk contact op te nemen met een verpleegkundige, arts of vroedvrouw. Onbehandeld kan een depressie langdurig aanhouden.
Het Groeipakket (kinderbijslag)
De Vlaamse overheid voorziet het Groeipakket om ouders financieel te ondersteunen bij de opvoeding van hun kind, bestaande uit een startbedrag, een maandelijks basisbedrag en extra toeslagen.
Moederschaps-, vaderschaps- en ouderschapsverlof
U heeft recht op moederschapsverlof, bestaande uit zwangerschapsverlof voor de geboorte en bevallingsrust na de geboorte. De duur van het moederschapsverlof hangt af van uw tewerkstelling en kan langer zijn bij een meerling. Na de bevalling heeft de partner recht op geboorteverlof (vaderschapsverlof) en beide ouders op ouderschapsverlof om extra zorg aan hun kinderen te besteden.
Kinderopvang
Het is raadzaam om in de eerste maanden van de zwangerschap al te starten met de zoektocht naar kinderopvang of een onthaalouder, aangezien de wachtlijsten vaak lang zijn. Kind en Gezin biedt een zoekmodule om kinderopvang te vinden. Er zijn diverse vormen van kinderopvang, waaronder gezinsopvang en groepsopvang. De kosten kunnen een vast tarief zijn of afhangen van uw inkomen.

De geboorte zelf
De geboorte is een intense gebeurtenis. De meeste kinderen worden vaginaal geboren in hoofdligging. Soms kan een kind in stuitligging vaginaal geboren worden onder bepaalde voorwaarden. De rol van de partner is cruciaal voor ondersteuning. Het verliezen van de slijmprop met wat bloed ('tekenen') wijst op het langzaam openen van de baarmoederhals. De vliezen kunnen breken, wat op zich geen pijn doet. Regelmatige, heviger wordende weeën leiden tot ontsluiting, waarna de moeder kan meepersen. Bij persweeën wordt het kind door de vagina naar buiten geduwd. Indien nodig kan de arts of vroedvrouw het geboortekanaal verruimen door middel van een knip om inscheuren te voorkomen. Na de geboorte van het hoofdje wordt de navelstreng afgebonden en doorgeknipt. De moederkoek wordt uitgedreven en zorgvuldig onderzocht.
Alles over het Groeipakket in Vlaanderen. I Infino Vlaanderen
Inknippen (episiotomie)
Wanneer de druk in het geboortekanaal te groot is, kan de arts of vroedvrouw het geboortekanaal verruimen door een knipje te geven om scheuren te voorkomen. Dit gebeurt vlak voordat het hoofdje tevoorschijn komt. Na de bevalling wordt de knip gehecht. Bij ongemak kan een ijszakje helpen tegen zwelling. Goede hygiëne is essentieel: spoelen met zuiver water en regelmatige vervanging van maandverbanden.
Keizersnede
Bij een keizersnede wordt het kind via de buik geboren. Het plaatsen van een epidurale verdoving is niet altijd mogelijk, bijvoorbeeld bij een spoedkeizersnede. Het water in een bal kan helpen ontspannen en een veilig gevoel geven tijdens de bevalling.
Pijnstilling
Vertrouw op uw lichaam om weeën op te vangen. Indien nodig kan pijnstilling worden gevraagd. Epidurale verdoving is een veelvoorkomende methode, waarbij via een katheter een verdovingsmiddel rond het ruggenmerg wordt ingespoten om het onderlichaam minder gevoelig te maken.