Het gehuil van een kind gaat ouders door merg en been. Je wilt niets liever dan je kind troosten: een schone luier, een knuffel geven, een liedje zingen. Maar wat doe je bij krampjes? Je kleintje heeft last, soms zelfs echte pijn, en je voelt je machteloos. Hoe help je je baby erdoorheen?
Wat zijn babykrampjes en wanneer komen ze voor?
Babykrampjes, ook wel bekend als koliek, zijn een veelvoorkomend probleem bij pasgeborenen. Dit kwaaltje komt vooral voor in de eerste maanden van het leven van je baby. Het begint vaak als je baby twee tot drie weken oud is, met een piek rond de leeftijd van zes tot acht weken. Na ongeveer drie maanden worden de klachten geleidelijk minder, omdat de darmen van je kindje dan voldoende ontwikkeld en gewend zijn aan voeding.
Een pasgeborene kan verschillende soorten krampjes verwachten, afhankelijk van de leeftijd. Bij een pasgeborene van enkele dagen oud is het niet abnormaal dat de darmen leren verteren en nog immatuur zijn. Dit kan krampjes veroorzaken, waardoor de eerste drie maanden erg lastig kunnen zijn. Je baby kan dan even gaan wenen, wat bewegen of wriemelen.
Als het kleintje echt heel veel krampjes heeft, steeds hangeriger wordt en steeds meer last krijgt, dan is er wellicht meer aan de hand. Komen de krampjes onmiddellijk na de voeding?
Oorzaken van babykrampjes
De precieze oorzaak van babykrampjes is niet altijd eenduidig vast te stellen, maar verschillende factoren kunnen een rol spelen:
Onrijpheid van het maagdarmstelsel
Na de geboorte worden de darmen van je baby voor het eerst aan het werk gezet om echte voeding te verteren. Dit is een hele uitdaging voor een systeem dat nog niet volledig ontwikkeld is. Hierdoor kan voedsel soms te snel door de darmen gaan zonder goed afgebroken te worden, wat leidt tot gasvorming en krampen.
Lucht inslikken
Tijdens het drinken, met name bij gulzige drinkers, kan een baby veel lucht inslikken. Deze lucht kan zich ophopen in de darmen en krampjes veroorzaken. Baby's die verkouden zijn, slikken mogelijk nog meer lucht in omdat ademen tijdens het drinken moeilijker gaat.
Voedselovergevoeligheid of allergie
Bij sommige baby's kunnen krampjes het gevolg zijn van een voedselovergevoeligheid of allergie. Dit kan komen door iets wat de moeder eet en via de moedermelk bij de baby terechtkomt. Vaak zijn er naast de krampjes ook andere klachten, zoals eczeem of chronische verkoudheid. Een koemelkeiwitallergie is een mogelijke oorzaak, zeker als er familieleden zijn met deze allergie.
Verandering van voeding
Elke verandering in de voeding kan krampjes veroorzaken, omdat de darmen van de baby tijd nodig hebben om te wennen aan de nieuwe melk. Dit geldt zowel voor het overstappen op andere flesvoeding als voor de overgang van borstvoeding naar flesvoeding. Het kan ongeveer twee weken duren voordat een baby aan een nieuwe melkvoeding gewend is.
Te veel voeding
Als je baby te veel voeding binnenkrijgt, kan dit ook tot krampjes leiden. Het is belangrijk om de signalen van je baby te herkennen en te stoppen met voeden wanneer hij genoeg heeft. Een fles hoeft niet leeg en moedermelk kan eventueel worden afgekolfd.
Prikkels
Sommige baby's zijn gevoeliger voor prikkels. Te veel indrukken kunnen letterlijk voor buikpijn zorgen.
Angstgevoelens
Een hypothese is dat angstgevoelens, zowel bij de baby die zich moet aanpassen aan een nieuwe omgeving als bij de moeder die de baby voelt, een rol kunnen spelen bij buikkrampen.

Hoe herken je babykrampjes?
Je herkent krampjes bij je baby aan een aantal kenmerken:
- Je kindje wordt onrustig, vaak zo'n 20 tot 30 minuten na de voeding.
- Je baby begint hard en heftig te huilen, soms met een rood aangelopen gezicht.
- De baby balt zijn vuistjes.
- De baby trappelt met zijn beentjes of trekt ze krampachtig op.
- Er kan sprake zijn van spanning en onrust in het lijf van je baby.
- Soms strekt de baby zich overmatig.
- Tijdens het huilen kan de baby poepen en/of scheetjes laten.
Een kind dat krampjes heeft, kan nog wel signalen van honger geven, maar blijft na de voeding onrustig. De darmpjes zijn na de geboorte nog niet helemaal rijp, waardoor kinderen last kunnen krijgen van buikkrampen. Ze zullen hierbij gaan huilen, sabbelen op hun handen en veel trappelen met hun benen.
Wat te doen bij krampjes? Tips voor verlichting en preventie
Hoewel krampjes niet altijd te voorkomen zijn, zijn er verschillende dingen die je kunt doen om de pijn te verlichten en de klachten te verminderen:
Tijdens en na de voeding
- Neem de tijd voor een boertje: Zorg ervoor dat je baby na elke voeding goed boert om ingeslikte lucht kwijt te raken.
- Voorkom te gulzig drinken: Als je baby snel drinkt, kan het helpen om voor de voeding even een pink of fopspeen aan te bieden, zodat de grootste zuigkracht bevredigd wordt.
- Houding tijdens het voeden: Zorg ervoor dat je baby tijdens het drinken zo rechtop mogelijk zit. Houd de fles horizontaal, zodat de speen gevuld blijft met melk en je baby minder lucht hapt.
- Pauzes inlassen: Als je flesvoeding geeft, laat je baby dan pauzeren tijdens het drinken, zodat de voeding kan zakken.
- Speen met kleinere opening: Overweeg een speen met een kleinere opening of een dubbele speen om het drinktempo te vertragen.
- Borstvoeding: Als de moedermelk te snel komt, kun je overwegen om een beetje af te kolven voor de voeding, of op je rug te gaan liggen met je baby op je buik tijdens het voeden.
Ontspanning en troost
- Babymassage: Masseer zachtjes het buikje van je baby in wijzerzin (met de klok mee) met warme handen. Dit kan helpen de darmen te ontspannen. Er zijn speciale baby massageoliën verkrijgbaar.
- Warmte: Een warm kersenpittenzakje, een warme doek of een warm badje kan verlichting bieden. Huid-op-huidcontact, waarbij je baby dicht tegen je aan ligt, kan ook rustgevend werken.
- Beweging: Maak fietsbewegingen met de beentjes van je baby. Dit kan helpen om spanning in de buikspieren te doorbreken.
- Draagzak of draagdoek: Je baby dicht bij je dragen kan rustgevend werken door de lichaamswarmte, hartslag en het ritmische wiegen.
- Rustgevende houding: Veel baby's vinden het fijn om met hun buik op je onderarm te liggen, met je hand ondersteunend aan de onderbuik. Een foetushouding kan ook prettig zijn.
- Zuigen: Bied je baby een fopspeen, je pink of een lege borst aan om op te zuigen. Dit kan troost bieden en de darmwerking bevorderen.
- Afleiding: Zing een liedje, schommel je baby heen en weer of maak een ritje met de auto.
Babymassage: een praktische aanpak
Voeding en specifieke situaties
- Flesvoeding: Als je flesvoeding geeft, breng dan niet te vaak grote veranderingen aan in het voedingsschema. Overweeg, in overleg met een arts, een andere soort flesvoeding als de krampjes aanhouden.
- Borstvoeding: Het idee dat bepaalde voedingsmiddelen die jij eet krampjes veroorzaken, is niet wetenschappelijk bewezen. Als je echter een sterk vermoeden hebt, kun je proberen bepaalde producten tijdelijk te laten staan. Alcohol en tabak zijn sowieso af te raden.
- Verkoudheid: Bij verkoudheid kan het helpen om 10-15 minuten voor de voeding neusspray of een zoutoplossing toe te dienen, zodat je baby makkelijker kan ademen en minder lucht inslikt.
Wat te vermijden
- Zelfmedicatie: Geef nooit zomaar medicatie zonder overleg met een arts.
- Venkel- of anijsthee: Deze theeën worden soms aangeraden, maar het effect is niet bewezen en ze kunnen mogelijk schadelijk zijn voor jonge baby's.
- Grote veranderingen in voeding: Vermijd te veel veranderingen in het voedingsschema, omdat de darmen van je baby hieraan moeten wennen.
Wanneer de dokter raadplegen?
Hoewel babykrampjes normaal zijn en meestal vanzelf overgaan, is het belangrijk om medische hulp te zoeken als:
- Je twijfelt of het om normale krampjes gaat.
- Je baby koorts heeft, braakt of diarree heeft.
- Er bloed bij de ontlasting zit.
- De krampjes extreem hevig zijn en ontroostbaar lijken.
- Je je zorgen maakt over de gezondheid van je baby.
Een arts kan uitsluiten dat er een andere medische oorzaak is voor het huilen en je adviseren over verdere stappen. Bij specifieke problemen, zoals een koemelkallergie, kan de arts een aangepast voedingsplan opstellen.
Vertrouw op je eigen intuïtie als ouder. Als je het gevoel hebt dat er meer aan de hand is, aarzel dan niet om contact op te nemen met je kinderarts of huisarts.