Wanneer overstappen op 4 flesvoedingen voor baby's

Kinderen krijgen bij voorkeur een aangepaste melkvoeding tot de leeftijd van 12 tot 18 maanden. Deze voedingen zijn onderverdeeld in verschillende categorieën, afhankelijk van de leeftijd van de baby.

Startvoeding (eersteleeftijdsmelk): vanaf de geboorte tot 6 maanden

Startvoeding is een complete voeding die voldoet aan de behoeften van zuigelingen tot 6 maanden oud. Deze voeding moet voldoen aan wettelijk bepaalde normen voordat deze op de markt mag worden gebracht en is voornamelijk verkrijgbaar bij de apotheek. Er zijn diverse startvoedingen beschikbaar. Het is raadzaam om advies in te winnen bij een verpleegkundige, behandelend arts of apotheker om de juiste keuze te maken.

Baby die een flesje melk drinkt

Opvolgvoeding (tweedeleeftijdsmelk): vanaf 6 maanden tot 18 maanden, in combinatie met vaste voeding

Opvolgvoeding is speciaal aangepast aan de behoeften van een baby vanaf 6 maanden, die al vaste voeding binnenkrijgt. Om overbelasting met veranderingen te voorkomen, is het aan te raden de overstap van startvoeding naar opvolgvoeding te maken wanneer de baby voldoende gewend is aan vaste voeding. Opvolgvoeding is verkrijgbaar bij de apotheek of supermarkt. Net als bij startvoeding zijn er meerdere merken en soorten op de markt. Doorgaans schakelt men over op de opvolgvoeding die aansluit op de reeds gebruikte startvoeding. Bij twijfel kan men terecht bij een verpleegkundige, behandelend arts of apotheker.

De overgang naar vaste voeding begint geleidelijk. Rond 4 tot 6 maanden kan een baby beginnen met oefenhapjes. In het begin wordt hier nog melkvoeding bij gegeven. Als de eerste vaste voeding goed gaat, kan een tweede vaste voeding worden geïntroduceerd, wederom met melkvoeding erbij. De hoeveelheid van een volledige fruit- of groentepap is ongeveer 150g tot 200g.

Vanaf 6 maanden speelt vaste voeding een grotere rol. Dagelijks kunnen één tot twee keer groente- of fruithapjes worden gegeven, naast 4 tot 6 voedingen uit de borst of fles. Wanneer een baby flesvoeding krijgt, is het vanaf deze maand aan te raden opvolgmelk te geven.

Tussen 7 en 8 maanden kan de behoefte aan melk door de toename van vaste voeding afnemen. Soms kan een melkvoeding worden geschrapt. Als de baby gewend is aan gepureerde hapjes, kan deze kennis maken met grovere stukjes voedsel. Vanaf 8 maanden kan vaste voeding een volwaardige maaltijd vormen, zoals een boterham of pap. Hierdoor neemt de behoefte aan melkvoeding verder af, wat aangevuld moet worden met water of ongezoete thee. Vanaf 9 maanden kunnen twee volwaardige maaltijden per dag worden aangeboden.

Wanneer een baby 10 maanden is, groeit de behoefte aan vast voedsel. Maaltijden kunnen groter worden, waardoor de hoeveelheid melkvoeding afneemt tot twee tot drie keer per dag. Op 11 maanden kan een baby drie maaltijden per dag eten, zoals een boterham 's ochtends en 's middags, en een warme maaltijd 's avonds. Vanaf 12 maanden kan een kind met de pot mee-eten en heeft het geen opvolgmelk meer nodig. Twee bekers gewone melk per dag zijn dan voldoende, of borstvoeding op verzoek.

Overgang naar volle melk of groeimelk: tussen 12 en 18 maanden

Als een gezonde, evenwichtige voeding goed verloopt en de baby een vitamine D-supplement krijgt, kan op de leeftijd van 12 tot 18 maanden worden overgeschakeld op volle melk(producten) of calciumverrijkte sojaproducten. Groeimelk of -drink is dan niet noodzakelijk. Het gebruik van volle melkproducten wordt aangeraden tot de leeftijd van 3 jaar, waarna halfvolle melk volstaat. Vitamine D-suppletie is noodzakelijk tot de leeftijd van 6 jaar.

Verloopt de voeding daarentegen moeilijk en/of krijgt de baby geen vitamine D-supplement, dan kan groeimelk of -drink een meerwaarde bieden. Groeimelk is verrijkt met mineralen, vitaminen en essentiële vetzuren ten opzichte van koemelk en heeft een lager eiwitgehalte. Hoewel niet strikt essentieel, kan het helpen bij het realiseren van een gezonde peutervoeding, aangezien kinderen soms te veel eiwitten en te weinig essentiële vetzuren binnenkrijgen. Groeimelk kan de inname van ijzer, vitamine D, omega 3-vetzuren, jodium en zink verhogen, zonder het eiwitgehalte te hoog te maken. Het is aan te raden om ongezoete groeimelk zonder toegevoegde smaak te kiezen.

Grafiek met aanbevolen voedingsschema voor baby's van 0-12 maanden

Belang van moedermelk en alternatieven

Moedermelk wordt beschouwd als de meest natuurlijke voeding, aangepast aan de specifieke behoeften van een baby. Het is altijd klaar voor gebruik, gratis en milieuvriendelijk, met voordelen voor moeder, baby en de samenleving. Een combinatie van flesvoeding en borstvoeding kan borstvoeding hinderen.

Niet alle melk is geschikt voor baby's. De samenstelling van halfvolle en magere koemelk, niet-aangepaste geitenmelk, paardenmelk, karnemelk, babeurre en niet-aangepaste sojadranken wijkt te sterk af van zuigelingenvoeding. Vanaf 12 maanden kunnen bepaalde dierlijke melken, zoals volle melk of geitenmelk, en calciumverrijkte sojadranken wel geschikt zijn.

Sojaproducten kunnen na verrijking met calcium en vitamines een volwaardige vervanging van melk zijn. Kies voor de natuurversie en niet de gezoete varianten. Start- en opvolgvoedingen op basis van soja zijn momenteel niet op de Belgische markt beschikbaar. Vanaf 12 tot 18 maanden kan gekozen worden voor een groeidrink op basis van soja of een calciumverrijkte sojadrank. Plantaardige dranken voldoen echter niet aan de wettelijke normen voor de nutritionele samenstelling van zuigelingenvoeding. Voor zuigelingen bestaan er wel zuigelingenvoedingen op basis van rijsteiwitten die wel aan de normen voldoen. Voor kinderen vanaf 12 tot 18 maanden zijn plantaardige groeidrinks op basis van haver en rijst beschikbaar.

Specifieke voedingsstoffen en supplementen

Ongeacht de melkvoeding hebben baby's extra vitamines nodig. Er wordt aanbevolen alle kinderen dagelijks 400 IE (internationale eenheden) vitamine D te geven, vanaf de geboorte tot 6 jaar, het hele jaar door. Voor kinderen met een donker huidtype kan langere suppletie nodig zijn, in overleg met de behandelend arts.

Fluoride werkt voornamelijk plaatselijk. Poetsen met fluoridehoudende tandpasta vanaf de eerste tanddoorbraak is voldoende; extra fluoride-inname (druppels of tabletten) is niet nodig.

Kinderen die borstvoeding krijgen, hebben de eerste 12 weken dagelijks 150 microgram vitamine K nodig voor een goede bloedstolling. Vitamine K is toegevoegd aan kunstvoeding. Als een baby minimaal 500 ml kunstvoeding per dag drinkt, is extra vitamine K niet nodig.

Praktische overwegingen bij flesvoeding

Kant-en-klare flesvoeding is praktisch, maar heeft een beperkte houdbaarheid. Er is geen verschil tussen poeder- of vloeibare vorm van dezelfde melksoort.

Hygiëne bij het bereiden van flesvoeding is cruciaal. Was handen grondig en gebruik schoon materiaal. Flessen, spenen en ringen dienen na elk gebruik grondig gereinigd en bij voorkeur gesteriliseerd te worden. Gebruik mineraalarm flessenwater voor het bereiden van flesvoeding. Gekookt water wordt lauw (ongeveer 37°C) gebruikt. Gebruik nooit de magnetron om flesvoeding op te warmen, dit kan leiden tot ongelijke verwarming en brandwonden.

De basisbereiding is 1 afgestreken maatschepje poeder per 30 ml water. De hoeveelheid flesvoeding wordt bepaald door het gewicht en de eetlust van het kind. Het is belangrijk om de temperatuur van de flesvoeding altijd te controleren alvorens deze aan de baby te geven.

Een geopende papfles mag niet langer dan een uur bewaard worden. Flesvoeding kan vooraf bereid en in een thermos bewaard worden om werk te besparen, vooral handig tijdens reizen. Een halflege papfles dient weggegooid te worden.

Hoe maak je een flesje flesvoeding klaar voor je baby? | Team voor babyvoeding

Voedingsschema's en signalen van de baby

Baby's geven zelf aan wanneer ze honger hebben en wanneer ze genoeg hebben. De eerste 4 tot 6 maanden krijgen kinderen uitsluitend melk. De hoeveelheid melk per keer is in de eerste maand klein, en neemt toe naarmate de baby ouder wordt, waardoor het aantal voedingen afneemt.

Er zijn algemene richtlijnen voor de tijd tussen flesvoedingen, meestal elke drie tot vier uur vanaf 6 maanden. Dit zijn echter richtlijnen; elk kind is anders. Het is belangrijk om te letten op de hongersignalen van de baby, zoals sabbelen op de vingers, smakgeluidjes of zoekbewegingen. Huilen en overstuur raken kunnen de drinkbehoefte verminderen.

Signalen dat een baby genoeg heeft, zijn onder andere het wegdraaien van het hoofdje, bewegende handjes of melk die uit de mondhoeken loopt. Het is niet erg als een baby een flesje niet in één keer leegdrinkt of wisselende hoeveelheden drinkt, zolang het alert is en voldoende natte luiers heeft.

Bij twijfel over de hoeveelheid voeding of het voedingsschema, is het raadzaam overleg te plegen met het consultatiebureau of een arts.

Kinderen hebben extra vitamine D nodig voor sterke botten, tanden en een goede weerstand. Als een baby 's nachts weinig geïnteresseerd is in voeding na enkele maanden, kan de voeding weggelaten worden mits normale groei en spontane vraag overdag. Soms worden kinderen 's nachts wakker zonder honger; troosten of een fopspeen kan dan helpen.

Ontlasting en vochtinname

De ontlasting van een baby die flesvoeding krijgt, is in de eerste dagen zwart, plakkerig en pekachtig. Een verandering in het stoelgangpatroon kan optreden bij veranderingen in de voeding, zoals het wisselen van kunstvoeding of de overgang naar vaste voeding.

Bij flesvoeding is een aangepaste melkvoeding belangrijk. Als een baby erg gulzig drinkt, kan de melkstroom te snel zijn. Een voeding duurt best 20 tot 30 minuten. Indien de baby na de flesvoeding nog een sterke zuigbehoefte toont, kan de houding aangepast worden of de melkstroom vertraagd worden.

Bij warme dagen, koorts, diarree of extra inspanning kan de vochtbehoefte van een baby toenemen. Een baby heeft minimaal 6 plasluiers per dag nodig, met lichtgele urine. Bij braken of diarree heeft een baby ongeveer 600 tot 900 ml melkvoeding per dag nodig, aangevuld met plat, mineraalarm water, ongezoete babythee, vers fruitsap of groentesap. Gezoete dranken dienen vermeden te worden.

Overzicht van de groei van een baby van 0 tot 12 maanden met gewichtsgrafieken

Baby's ongemakken en voedingsveranderingen

Ouders denken vaak dat baby's ongemakken te maken hebben met voeding, maar dit is zelden het geval. Ongemakken hebben doorgaans te maken met de ontwikkelingsfase van de baby. Het veranderen van voeding biedt dan geen oplossing of slechts kortstondige verbetering. Wees kritisch bij het op eigen initiatief veranderen van voeding. Aarzel niet om contact op te nemen met een verpleegkundige of de Kind en Gezin-Lijn voor ondersteuning. Bij bezorgdheid kan advies ingewonnen worden bij een arts, die kan inschatten of er een medische reden is voor de ongemakken en of een voedingswijziging naar dieetvoeding noodzakelijk is.

tags: #wanneer #overstappen #naar #4 #flesvoedingen