Rooms-Katholieke Kerk Maria Geboorte en Gasthuis Vredenhof in Dronrijp

Gasthuis Vredenhof

Historische Context en Stichting

Het GASTHUIS VREDENHOF is een langwerpig bouwblok van tweekamerwoningen, gelegen aan de rand van het dorp, aan de zuidelijke grenslijn van en net buiten het beschermde dorpsgezicht. De voorgevel is naar het oosten georiënteerd. Voor de rij woningen ligt een strook voortuinen met stoepen in gele baksteen. Hier zijn drie WATERPOMPEN en WATERPUTTEN aanwezig. Aan de achterzijde zijn kleine tuinen, gelegen aan de rand van de in 1877 afgegraven terp.

Dit gasthuis voor alleenstaande vrouwen is gebouwd als uitbreiding van het reeds bestaande Gasthuis Vredenhof aan de Dubbele Streek. Het oude Vredenhof is in 1744 door Agnes Alida Huber gesticht, eigenares van o.a. landhuis Schatzenburg en aanhangster van de godsdienstige stroming Praktisch Christendom van de Engelse Puriteinen en Duitse Piëtisten. Agnes wilde met het gasthuis het lot van alleenstaande vrouwen vergemakkelijken.

Bouw en Architectuur

Het nieuwe Vredenhof is in opdracht van de toenmalige voogden gebouwd (H. Wielinga Huber en J. Lambertus Huber) in 1872. De gevelsteen vermeldt: "De eerste steen aan dit gebouw is gelegd den 4 juni 1872 door Lambertus Johannes Huber H zoon oud 9 jaren". In 1872 zijn de eerste drie blokjes van zes 'kameren' gebouwd en de portierswoning, naar het ontwerp van architect-aannemer C.S. Reitsma uit Leeuwarden. In 1873 zijn de volgende drie blokjes gebouwd en in 1876 de laatste drie. Deze zijn door aannemer R. Feikema gebouwd. Het bouwblok is in Ambachtelijk-traditionele trant gebouwd.

Net als het oude is het nieuwe Gasthuis Vredenhof uitsluitend voor behoeftige vrouwen bedoeld geweest. Het rijtje woningen wordt nog steeds, volgens de statuten van de stichting, uitsluitend aan vrouwen verhuurd.

Architectonisch detail van de voorgevel van Gasthuis Vredenhof met nadruk op de ramen en deuren

Verbouwingen en Interieur

In de jaren vijftig en tachtig zijn de vrij kleine woningen inwendig verbouwd. Tijdens de laatste verbouwing zijn, met uitzondering van nr. 18, twee 'kameren' tot één wooneenheid samengevoegd. Nr.

Het rijtje woningen van het nieuwe Gasthuis Vredenhof is uit bruine bakstenen opgetrokken op een rechthoekige plattegrond. Gele bakstenen zijn gebruikt voor de gemetselde cartouches met enkelstenige lijst van bruine bakstenen. Pleisterwerk is gebruikt voor de zuidelijke zijgevel en de zuidelijke helft van de achtergevel. Het één bouwlaag hoge gebouw wordt door een zadeldak met zwarte ongeglazuurde Friese pannen gedekt, waar twaalf schoorstenen en de daken van de topgeveltjes bovenuit steken. Dak en topgeveltjes worden door een geprofileerde lijst afgesloten.

In de voorgevel wisselen de houten paneeldeuren en de rechthoekige vensters elkaar ritmisch af. De voordeuren op gemetselde stoep hebben een rechthoekig bovenlicht met gietijzeren levensboom en bevinden zich onder de negen topgeveltjes. Hier zitten twee tweeruits trapezoïdaalvormige vensters. De noordelijke gemetselde zijgevel is blind en wordt afgesloten door een gemetselde topgevel met geprofileerde tympaanvormige lijst, waarin een in gele bakstenen gemetselde driehoek is geplaatst. De zuidelijke zijgevel is gepleisterd. In de top zit een geprofileerde gepleisterde driehoek. In de achtergevel wisselen oude en nieuwe houten vensters en deuren elkaar af.

Door het samenvoegen van de wooneenheden is het INTERIEUR van de woningen qua indeling grotendeels veranderd. In de woning nr. 16 is de oorspronkelijke houten schoorsteenmantel nog aanwezig. De woning op nr. 18 is qua indeling origineel en is nog voorzien van de originele deuren en kastdeuren. De zolders met gesegmenteerde tongewelven zijn voor het grootste deel nog in originele staat.

Rooms-Katholieke Kerk "Maria Geboorte"

Bouwgeschiedenis en Architectuurstijl

De Rooms-Katholieke KERK "Maria Geboorte" te Dronrijp is in 1839 gebouwd, naar ontwerp van architect A. van der Moer in Waterstaatsstijl; aannemer was P.J. de Wal uit Leeuwarden. In 1939 is de oostelijk gerichte voorgevel met toren vervangen door een nieuwe voorgevel in de stijl van de Delftse School. In dezelfde tijd is ook de nieuwe pastorie aan de zuidzijde gebouwd. De nieuwe voorgevel met toren (en de pastorie) zijn ontworpen door de Amsterdamse architect J.M. van Hardeveld. Opdrachtgever was het kerkbestuur van de Rooms-Katholieke kerk.

De kerk, van het type kerkzaal, heeft een globaal rechthoekige plattegrond; aan de achterzijde is over de volle breedte van schip en zijbeuken de sacristie gebouwd, die vanaf de kerk toegankelijk is. Het kerkgebouw wordt gedekt door een samengesteld dak: boven het schip met opgaande lichtbeuk een zadeldak met zwarte nieuwe Hollandse pannen en boven de zijbeuken en de sacristie lessenaarsdaken.

Silhouet van de Rooms-Katholieke Kerk Maria Geboorte met de kenmerkende toren

Exterieur en Torenbouw

Voor het bouwdeel uit 1939 zijn voor de plint grote handvorm-bakstenen gebruikt, voor de eerste en tweede bouwlaag en de toren kleine roodbruine handvorm-bakstenen. De zijgevels, de achtergevel en de sacristie uit 1839 zijn in bruine bakstenen opgetrokken. Het deel tussen de segmentboogvormige vensters is met houten planken bekleed.

De toren bestaat uit een hoog basement met aan twee zijden twee steunberen en twee versnijdingen. In de bovenste (met biforae) zijn rond 1945 de drie klokken geplaatst. Hierboven een balustrade en de met zink beklede bekroning. De zinken lantaarn wordt door zuilen omgeven met daarop een kroonlijst en een haan als windwijzer.

In de toren is de hoofdingang geplaatst: een brede houten deur in geblokte omlijsting met, boven een zware latei, een bovenlicht met segmentboog en glas-in-lood. Aan de zuidzijde, in de hoek gevormd door toren en voorgevel, is een polygonale traptoren met tochtportaal geplaatst. Aan de noordzijde de doopkapel en een venster met bovenlicht en glas-in-lood aan de voorzijde en een zij-ingang aan de noordzijde. Tegen de zuidelijke zijgevel is het kolenhok met oven geplaatst. Beide zijgevels zijn blind en worden gedekt door een lessenaardak dat overgaat in de lichtbeuk met rabat. Hier zitten aan weerszijden vijf segmentbogige meerruitsvensters.

Interieur en Kunstwerken

Het INTERIEUR van de kerk in Waterstaatsstijl is qua indeling oorspronkelijk, ook wat betreft het voorportaal en de toren uit 1939, die met geel en blauw geglazuurde bakstenen zijn bekleed. In de zaal dragen zes grote holle Dorische zuilen een hoog hoofdgestel onder hoge lichtbeuken.

Tot de inrichting behoren o.m. de voorste twee houten banken uit 1839 en de overige uit ca. 1900, de vier neogotisch geschilderde kandelaars, een zilveren Godslamp, de schildering achter het hoofdaltaar -die de verheerlijking van Christus voorstelt- en de 14 Kruisweg Staties uit 1848, beide van Otto de Boer, de biechtstoel uit 1895, waarop het opschrift in neogotische letters: COR CONTRITUM ET UMILIATUM / DEUS NON DESPIACIAS. In de zuidwestelijke hoek een oud zijaltaar met vernieuwd tabernakel, waarop het gipsen Maria-beeld op houten consoles met geschilderde neogotische motieven op de achtergrond, van J.P. Maas Loos. Bij het voorportaal het standbeeld van de Heilige Leed, een beeld van de heilige Franciscus en het Passiekruis uit 1890, geschonken aan de kerk ter gelegenheid van een volksmissie.

In het plafond drie gestucte rozetten in reliëf met de symbolen die Geloof, Hoop en Liefde symboliseren. In het midden hiervan hangen drie koperen kroonluchters. Achter de tribune uit 1939 het éénklaviers orgel, vervaardigd door L. van Dam en Zonen in 1882. De houten orgelkas is van rijk snijwerk voorzien.

Gedetailleerde foto van het orgel in de Rooms-Katholieke Kerk Maria Geboorte met snijwerk

Kunstenaars en Bijzondere Elementen

Het Mariabeeld op de voorgevel van de kerk (1939) is door de Hongaar M. Hoffer vervaardigd, leraar tekenen en handenarbeid te Leeuwarden. Het beeldhouwwerk in de kerk, Maria en Joseph, is van J.P. Maas Loos uit Haarlem; het schilderwerk, de grote schildering boven het hoofdaltaar en de kruiswegstaties, zijn van de kunstenaar Otto de Boer (Woudsend), respectievelijk uit 1839 en 1841.

Pastorie van de Rooms-Katholieke Kerk

Bouw en Ontwerp

De blokvormige PASTORIE, horend bij de Rooms Katholieke Kerk te Dronrijp, bevindt zich aan de zuidzijde van het kerkgebouw en is naar het oosten georiënteerd. De noordelijke zijgevel grenst voor een deel aan de kerk. De pastorie is in 1939 gebouwd als vervanging van de nog bestaande oude pastorie -die nu als verenigingslokaal dienst doet-, in een aan de Delftse School verwante bouwstijl. Het ontwerp is van architect J.M. van Hardeveld te Amsterdam.

De pastorie heeft een nagenoeg rechthoekige plattegrond en wordt gedekt door een zadeldak met Hollandse pannen en een schoorsteen. Over de keuken en bijkeuken, aan de achterzijde, ligt een plat dak. In het dakschild aan de noordzijde zit een dakkapel met glas-in-lood en een schuingelegen dak met pannen. In het zuidelijke dakschild een driedelige dakkapel met plat dak. Het gebouw bestaat uit twee bouwlagen met een hoge zolderverdieping.

Gevels en Vensterindeling

De plint is uit bruingrijze, handvorm bakstenen opgetrokken en wordt door een rollaag gescheiden van de rest van de gevel. De gevels zijn in roodbruine handvorm bakstenen opgetrokken. De voorgevel is in 'viersteens' keperverband opgemetseld; de zij- en achtergevels in een variatie van klezoorverband; de halfronde boogtrommels van de vensters in mozaïekverband.

De voorgevel wordt door de vensterindeling regelmatig verdeeld. In de eerste bouwlaag zijn drie zesruitsvensters met driedelig bovenlicht, halfronde boog met aanzetstenen en mozaïekboogtrommel. In de tweede bouwlaag zitten drie rechthoekige vierruitsvensters met driedelig bovenlicht en rollaag, in het midden van de top een lichtgebogen vierruitsvenster. Ten noorden ervan de houten voordeur op gemetselde stoep onder een afdak met pannen, tussen geblokte pilaren en gebogen strek. Ten noorden van de voordeur, over de tweede bouwlaag, een groot rechthoekig venster met glas-in-lood dat de trapgang verlicht en een dienstingang.

In de zuidelijke zijgevel van oost naar west in de eerste bouwlaag een erker met balkon, een verticaal drieruitsvenster, drie zesruitsvensters met bovenlichten en een dubbele vierruitstuindeur met stoep. In de tweede bouwlaag, van oost naar west boven de erker de houten balkondeur met bovenlicht, een verticaal tweeruitsvenster met bovenlicht en drie vierruitsvensters met driedelig bovenlicht. De noordelijke en de zuidelijke zijgevels worden door een houten hoofdgestel met geblokte lijst afgesloten. In de achtergevel een verticaal venster, in de eerste bouwlaag een brede deur naar het platte dak van de bijkeuken en in de top van de zolderverdieping een lichtgebogen venster.

Interieur en Decoratieve Elementen

Het INTERIEUR is qua indeling en inrichting origineel. Vanaf de ingang aan de noordzijde komt men in een tochtportaal en de hal, beide versierd door een hoge lambrisering van lichtbruin en groen geglazuurde bakstenen. In de hal deuren naar -van links naar rechts- een spreekkamer, de kamer van de pastoor (met erker), de zaal en de eetkamer -die door een houten wand met panelenmotief gescheiden worden- en de keuken met bijkeuken. Deze zijn deels gemoderniseerd.

In de overige vertrekken zijn onder meer aanwezig de originele houten deuren, de waarschijnlijk kartonnen plafonds, de kasten en de kastdeuren. Rechts van de keuken is een halletje dat toegang geeft tot de kerk. De trap wordt versierd door een gelijke lambrisering van geglazuurde, gesinterde lichtbruine en groene bakstenen die aan de buitenzijde in de muur van de vide doorloopt. Aan de ruime vide met vier segmentbogen zijn drie logeerkamers, de slaapkamer van de pastoor met balkon en de slaapkamer van de huishoudster aan de westzijde, plus een badkamer en een toilet. Origineel zijn o.m. alle deuren, plafonds, kasten en het toilet.

Kerkelijke Geschiedenis en Praktijken in Dronrijp

Historische Ontwikkeling van de Rooms-Katholieke Gemeenschap

Na de schuilkerk aan de Molepôle kent Dronrijp sinds 1699 een rooms katholieke statie met een eigen pastoor (Tijmen van Oosten). De ‘Waterstaatskerk’ (1839) kreeg een driebeukig schip, gescheiden door Toscaanse zuilen (architect A. van der Moer). In 1939 werd de ingangspartij veranderd met J.M. Hardeveld als architect.

Klokkenluidingsschema en Tradities

De toren van de rooms-katholieke kerk Maria Geboorte draagt drie klokken. Zij zijn rond 1945 geplaatst. Tot voor kort moesten ze handmatig geluid worden omdat de luidinstallatie het jaren geleden had begeven. In 2012 is er bij de uitgebreide restauratie van de toren en de klokken nieuwe regelapparatuur aangebracht. Dat was een mooie mogelijkheid om een hernieuwd luidschema in te plannen. Dit schema is ingezet en na een aantal weken met de buurt in een speciaal daarvoor belegde bijeenkomst besproken. Naar aanleiding van dat gesprek zijn er een aantal aanpassingen aangebracht. Daarbij is getracht een goede balans te krijgen waarbij de traditie van het klokluiden recht werd gedaan, maar waarin ook enkele wensen van de bewoners konden worden gerespecteerd. Dus een kwestie van nemen en geven van beide kanten. Dit heeft uiteindelijk geleid tot het volgende schema:

Het Angelus

In de rooms-katholieke kerk was het vroeger gebruik om het Angelus te bidden. Het Angelus (voluit Angelus Domini; de Engel des Heren) is een katholiek gebed dat van oudsher driemaal daags gebeden werd: om zes uur 's morgens, twaalf uur 's middags en zes uur 's avonds. Waar voorheen de gelovigen hun werkzaamheden stopten om te bidden is dat gebruik grotendeels in onbruik geraakt. De traditie van het klokgelui is blijven bestaan. Het gebed wordt aangekondigd door het luiden van een kleine klok, het angelusklokje. Hierbij worden drie slagen op de klok gegeven waarna een aanroep met Weesgegroet Maria wordt gebeden. Nog tweemaal volgen drie slagen op de klok met een nieuwe aanroep en Weesgegroet. De klok in de toren geeft het aantal slagen van de hele uren. De uuraanslagen van 8 uur van de zaterdag en de zondag zijn uit het schema verwijderd.

Vieringen en Bijzondere Gelegenheden

Voor de vieringen worden de klokken 7 minuten geluid om de mensen een welkom toe te luiden. Doorgaans vinden onze vieringen plaats op zaterdag 19.15 uur en woensdag om de week om 9.00 uur. Eén keer in de maand vindt er een Poolse Mis plaats speciaal voor de Poolse mensen van Dronrijp en verre omstreken. Die viering is om 17.00 uur. Met Kerstmis en Pasen vieren we op speciale tijden en zult u de klokken horen die de Kerstnachtviering of de Paaswake aankondigen. Op 1 januari wordt om 24.00 uur het nieuwe jaar ingeluid.

Wanneer een parochiaan is overleden, wordt de klok om drie uur geluid zolang de overledene nog niet begraven of gecremeerd is. Het spreekt vanzelf dat ook de uitvaart van de overledene aangekondigd wordt met klokgelui.

'Waarom zou je over een klok zeiken?'

tags: #dronrijp #maria #geboorte #dubbelestreek #14 #9035