Geboorten in Vlaanderen: Trends, cijfers en vruchtbaarheid

De statistieken omtrent geboorten in het Vlaamse Gewest bieden een gedetailleerd inzicht in demografische ontwikkelingen. Deze gegevens worden verzameld en verwerkt door verschillende instanties, waaronder Statbel, het Agentschap Zorg en Gezondheid, Kind en Gezin (Opgroeien) en het Studiecentrum voor Perinatale Epidemiologie (SPE). De bronnen en methodologieën zorgen voor een omvattend beeld van levendgeborenen, hun kenmerken en de vruchtbaarheid van de bevolking.

Definities en bronnen van geboortestatistieken

De geboorten die in aanmerking worden genomen, betreffen het aantal levendgeborenen bij vrouwen met een officiële woonplaats in het Vlaamse Gewest. Levendgeborenen zijn alle kinderen die bij de geboorte tekenen van leven vertonen, met uitsluiting van doodgeboren kinderen. De nationaliteit van de borelingen kan worden onderverdeeld in Belgische, EU-landen (EU27) en niet-EU-landen (niet-EU27). Personen met een onbekende nationaliteit worden bij de laatste groep gerekend.

Er worden twee belangrijke bronnen gebruikt:

  • De eerste bron, van Statbel, is de meest omvangrijke en bevat veel informatie over alle kinderen die in het land worden geboren (de facto geboorten) en hun ouders.
  • De tweede bron, van het Rijksregister, is sneller maar bevat enkel informatie over geboorten van kinderen wier moeder is ingeschreven in het Rijksregister.

Vanaf 2010 wordt het Rijksregister als basisbron gebruikt. De statistiek registreert dan enkel levendgeborenen bij vrouwen die wettelijk in België verblijven, ongeacht de plaats van geboorte. Deze gegevens worden uitgesplitst naar administratieve eenheden, kenmerken van de moeder en kenmerken van de pasgeborene. Hieruit kunnen ook vruchtbaarheidsindicatoren worden afgeleid.

Het Agentschap Zorg en Gezondheid is bevoegd voor de verwerking van aangifteformulieren voor geboorten, die aanvullende informatie bevatten, zoals de geboorterang van het kind en het opleidingsniveau van de moeder. In geval van tegenstrijdige informatie tussen de aangifteformulieren en het Rijksregister, verleent Statbel voorrang aan de gegevens van het Rijksregister.

Statbel neemt enkel 'wettelijke geboorten' in aanmerking, wat betekent dat de moeders op het moment van de geboorte hun wettelijke woonplaats in België hadden en tot de wettelijke bevolking behoren. Geboorten bij moeders die niet tot de wettelijke bevolking behoren (bv. diplomaten, personen zonder geldige verblijfspapieren) worden niet meegeteld. Geboorten van kinderen die in het buitenland zijn geboren uit moeders met een wettelijke woonplaats in België, worden wel meegeteld.

Kind en Gezin (Opgroeien) stelt eigen statistieken op op basis van registraties in Vlaanderen, waarbij ook geboorten bij moeders buiten de wettelijke bevolking worden meegeteld. Het Studiecentrum voor Perinatale Epidemiologie (SPE) focust op medische aspecten van bevallingen en de gezondheid van moeder en kind, gebaseerd op gegevens uit het e-Birth systeem.

Evolutie van het aantal geboorten in Vlaanderen

De daling van het geboortecijfer in Vlaanderen is een voortdurende trend, met een lichte piek in 2021 die vermoedelijk een nasleep was van de coronaperiode. Sinds 2010 is het aantal geboorten aanzienlijk gedaald. In 2024 werden er bijna 61.800 kinderen geboren in het Vlaamse Gewest, wat neerkomt op een daling van ongeveer 8.300 geboorten ten opzichte van het piekjaar 2010 (-12%).

In 2024 werden er bijna 600 kinderen minder geboren dan in 2023 en bijna 4.000 minder dan in 2021. Sinds 2020 liggen het aantal overlijdens hoger dan het aantal geboorten, wat resulteert in een negatief natuurlijk saldo. Enkel in 2021 was er een positief saldo. Tussen 2000 en 2019 was er steeds een positief natuurlijk saldo.

Grafiek met de evolutie van het aantal geboorten in Vlaanderen per jaar, met een duidelijke daling sinds 2010 en een kleine piek in 2021.

De algemene daling van het aantal geboorten per semester in 2024 ten opzichte van 2023 wordt deels verklaard door het feit dat 2024 een schrikkeljaar was, waardoor februari een dag meer telde. De daling van het geboortecijfer is ook zichtbaar in elke Vlaamse provincie, met uitzondering van Oost-Vlaanderen dat een lichte stijging kende. De fusie van gemeenten kan de provinciale cijfers van Antwerpen en Oost-Vlaanderen beïnvloeden.

Op basis van de meest recente vooruitzichten van het Federaal Planbureau en Statbel wordt vanaf 2025 opnieuw een toename van het aantal geboorten verwacht, met een raming van meer dan 68.000 geboorten in 2035.

Kenmerken van de borelingen

In 2024 had bijna 1 op de 7 borelingen in het Vlaamse Gewest een buitenlandse (niet-Belgische) nationaliteit (14%). Dit aandeel is hoger in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (35%) en lager in het Waalse Gewest (9%). In het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest was het aandeel borelingen met een niet-EU-nationaliteit significant hoger (26%) dan in Vlaanderen (7%) en Wallonië (6%).

In 2024 werden er, net als in voorgaande jaren, meer jongens (51,1%) dan meisjes (48,9%) geboren in het Vlaamse Gewest. 7,4% van de levend geboren kinderen werd prematuur geboren, waarvan 5,6% matig prematuur (34-36 weken).

Wat betreft de pariteit, was 45,1% van de kinderen het eerste kind van de moeder, terwijl 19,5% van de borelingen rang 3 of hoger had. Het aandeel geboorten bij vrouwen onder de 30 jaar nam verder af in 2024. Sinds 2015 is dit aandeel met meer dan 9 procentpunt gedaald (van 48,1% naar 38,8%). Deze verschuiving naar meer borelingen met een moeder van 30 jaar of ouder is met name zichtbaar bij eerstgeborenen.

In 2024 had 23,8% van de borelingen een moeder met een niet-Belgische nationaliteit, wat hoger is dan in voorgaande jaren.

Vruchtbaarheidscijfers en moederschapsleeftijd

Het totale vruchtbaarheidscijfer (TVC), dat aangeeft hoeveel kinderen een vrouw gemiddeld zou krijgen tijdens haar vruchtbare levensjaren, is gedaald van 1,81 in 2010 naar 1,48 in 2024. Dit weerspiegelt de daling van het aantal geboorten.

De gemiddelde moederschapsleeftijd is gestegen van 29,7 jaar in 2010 naar 30,8 jaar in 2024. Tussen 2010 en 2024 daalde het vruchtbaarheidscijfer bij vrouwen tot de leeftijd van 32 jaar, terwijl het voor oudere leeftijden licht toenam. Dit betekent dat vrouwen ouder dan 32 in 2024 meer kinderen kregen dan in 2010, maar het verschil bij jongere leeftijden is groter.

Infographic die de gemiddelde leeftijd van moeders bij de geboorte van hun eerste kind in Vlaanderen toont, met een stijgende trend.

Vrouwen van buitenlandse herkomst hebben een hogere vruchtbaarheid dan vrouwen van Belgische herkomst. In 2024 bedroeg het TVC bij vrouwen van niet-EU-herkomst 1,98, bij vrouwen van niet-Belgische EU-herkomst 1,51, en bij vrouwen van Belgische herkomst 1,28. Een vruchtbaarheidscijfer lager dan 1,5 wordt algemeen beschouwd als een 'vervangingsniveau'.

De vruchtbaarheidscijfers in het Vlaamse Gewest (1,48 in 2024) liggen hoger dan in het Waalse Gewest (1,43) en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (1,34). De daling van het vruchtbaarheidscijfer is de afgelopen 15 jaar sterker geweest in Brussel dan in Vlaanderen.

Vergeleken met de Europese Unie (EU27), waar het gemiddelde vruchtbaarheidscijfer in 2023 1,38 bedroeg, situeert Vlaanderen zich met 1,50 (in 2023) boven het EU-gemiddelde.

Regionale verschillen en bruto geboortecijfers

In de periode 2022-2024 had meer dan 60% van de gemeenten in Vlaanderen een lager bruto geboortecijfer dan het gemiddelde voor het Vlaamse Gewest (9 geboorten per 1.000 inwoners). De meeste Vlaamse centrumsteden, met Antwerpen als uitschieter (12,6), hadden een hoger bruto geboortecijfer dan het Vlaamse gemiddelde.

In 2024 lag het bruto geboortecijfer in het Vlaamse Gewest op 9,0 per 1.000 inwoners, iets lager dan in het Waalse Gewest (8,8) en beduidend lager dan in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (11,0). Sinds 2010 daalt de trend van het bruto geboortecijfer in alle drie de gewesten.

Het totale vruchtbaarheidscijfer varieerde tussen de 15 Vlaamse regio's in 2023-2024, met de hoogste waarden in de regio's Antwerpen, Waasland en Halle-Vilvoorde (telkens 1,61). De laagste waarden werden opgetekend in de regio Gent (1,34) en Oost-Brabant (1,35).

NCRV - Altijd Wat Wijzer: Prestatiedruk - Animated Infographics

tags: #auke #geboortes #vlaanderen